Jan 302013
 

pieters proza  Dutch farmer 300x300 Mijn flamoestuintje Pieter ZandvlietDe zon schijnt ergens in Zuid Amerika, hij is Nederland weer eens vergeten te voeden met zijn vitamientjes. De gele klootzak. Het is koud in onze tuin, nou ja onze, de tuin is het domein van mijn vrouw. Ik mag er slechts naar staren, maar dat doe ik natuurlijk niet. Althans ik staar wanneer mijn vrouw niet naar mij kijkt, als ze kijkt staar ik snel en onverschillig een deuntje van de Rolling stones fluitend naar de grijze wolken massa boven mijn kop. Voor wie het wil weten ik fluit het nummer, miss you.
Mijn vrouw maakt er een paradijs van, de tuin. Overal komen er vrolijke bloemetjes uit moeder aarde, kruiden en bessenstruiken zijn tevens hard bezig volwassen te worden, prachtig. Maar een design tuin kan ik het helaas niet noemen. Ik wil de tuin niet als een mislukking gaan zien, maar een design prijs zal mijn vrouw niet winnen. Het zal haar een dikke slagersrookworst wezen. Maar mij wel natuurlijk, ik doe graag moeilijk ten bate van deze schrijfsels.

Op internet surf ik naar designers tuinen, van de één moet ik braken, van een ander krijg ik slechts wat flauwe maagkrampen. De meeste doen mij denken aan over verzorgde begraafplaatsen, verweg van wat ik zie als puur en echt. Edoch is het leuk om te zien wat mensen allemaal niet bedenken, helaas bedenken de mensen die hun monstertuintjes aanleggen ze niet zelf. Sommige zijn rechtstreeks uit een folder van een tuincentrum. Anderen zijn hele slechte kopieën van beroemde tuinen. Als er een huis te koop staat en de tuin verwilderd, ja dan worden ze pas echt mooi, als wij er met onze ijverige zweet klauwtjes afblijven.

Het is tijd voor verandering in de wereld die tuin heet, ik ga er één aanleggen in ons Zwarte dennen bos. Met een kruiwagen vol tuin gereedschap vertrek ik, mijn vrouw wijst op haar voorhoofd, ik zeg dat ik haar voorhoofd al gezien had en loop haar zicht uit, uitzicht zeg maar. In het centrum van Nieuwleusen valt een hark van de kruiwagen op de stoep, ik ga door mijn vlotte tempo op de hark staan die dan als in een Suske in Wiske grap omhoog schiet in mijn heilig gelaat. In een kapsalon kom ik later bij met een enorme hoofdpijn. De broodmagere kapper vraagt van achter zijn enorme jaren zeventig bril, model breedbeeld televisie of het een beetje met mij gaat. Ik knik, en vraag waarom de kapper vel over been is. Hij verteld in tranen dat zijn kapsalon niet loopt. Ik kijk het gegrien van de kapper negerend het kapperszaakje rond, oubolligheid ten top. Ik ga staan, en zeg dat ik de goede man ga helpen steenrijk te worden. Hij kijkt mij verwonderd aan, de simpele ziel. Ik stuur hem het bos in, en trek alle posters van de muren, waarop vergeelde modellen hun kapsels van tijdens de Tweede wereld oorlog prijken. Op het internet zoek ik naar eigentijdse modellen, en print die uit. Die hang ik door de zaak heen, ik sloop et bord waarop staat, Kapper Koning van de gevel, en laat een plaatselijke spuitgast er de nieuwe naam van de kapper op spuiten. Het ziet er perfect uit zo. Als de kapper terug komt, grijpt hij naar zijn hart, die het op hetzelfde moment flink tot een eeuwige rust pauze brengt. Dit had ik al verwacht, zo neem je een zaak over, denk ik als ik het nog aangenaam warme lichaam van de kapper een compostbak in prop. Ik kan u zeggen van alle windrichtingen komen er dames, ja ik ben een dameskapper naar Kapsalon de Flamoestuin, voor een eigenzinnig venusheuvel scheerseltje. RTl 9 is zelfs al langs geweest voor een mogelijk programma, ik hou u op de hoogte… en wie weet tot ziens in de Flamoestuin.

pieters proza  share save 171 16 Mijn flamoestuintje Pieter Zandvliet

 Leave a Reply

Connect with Facebook

(required)

(required)