Jan 192013
 

pieters proza  282852 517659294932695 186110772 n 212x300 Zeg maar niets meer (De dag dat Andre ons verliet) Pieter ZandvlietAcht uur in de morgen, mijn wekkerradio neemt de ordinaire gewoonte mij te wekken met allerlei mogelijke rampen. Een orkaan (Henkie zal ik hem maar noemen) die Werelds armste mensen weg blaast, een Moslim terrorist die Amerika niet in mag, omdat hij wel goed bij zijn hoofd is en eigenlijk geen terrorist is, en zo kan ik deze om te huilen berichten die mijn radio als een stompzinnige tegen mijn slaperige rotkop uitkotst, nog wel even doorgaan. Maar dan hoor ik iets opbeurend, Andre H6 blijkt niet dood, hij blijkt alleen maar opgenomen met een zware longontsteking.,Meteen zit ik recht op in mijn bed, waarop mijn vrouw me met een elleboog mijn kussen weer in stoot.

Ik besluit het H6pad te nemen, en peer hem naar beneden. Ik vergeet de douche en rijd vrolijk naar onze sigarenboerin, waar het altijd naar natte hond meurt. Ik loop meteen naar de tijdschriften, hoe laat is het vraag ik aan ze, maar de tijdschriften zwijgen , waarschijnlijk omdat ze een hekel aan flauwe grappen hebben. Op een van deze bullebakken staat een verlepte blondine mij glimlachend als iemand die net onthersend is, aan te kijken. Ik staar naar haar enorme melk reservaten die haar navel afschermen voor geile oogjes. Achter mij praat een dame met een stem zo laag als die van drie mijnwerkers (ze praat met een laag echo gehalte), over onderzoeken naar borstkanker.

Bij het weg gaan zegt ze terwijl ze een gratis stadsblad pakt, “ja meid, en dan is Andre ook nog dood”. Quasi stoer vraag ik aan de geblondeerde sigarenboerin dochter of ik net vernam dat Andre H6 overleden is? Ja zegt ze die is niet meer. Spottend zeg ik, en dat terwijl hij zo gezond leefde. Dat zal het zijn hoor ik bits de sigarenboerin achter mij zeggen. Ik kijk lachend om, alsof ik net een geslaagde One man show achter de rug had. Maar het lachen vergaat mij als ik de verwilderde blik van onze hoog geblondeerde sigarenboerin in de blauwe ogen kijk. Ik speurt de winkel uit voor ze mij een vrouwtje maakt, door mijn trots, van mijn middel te bijten.

Buiten vergeet ik verward van angst bijna mijn fiets Thuis realiseer ik mij dat H6 echt weg is. Nee dit is geen brief voor zijn moeder, hij is morsdood.

In een discotheek zat ik van de week, nou en lekker belangrijk.

Naast een lege kruk, vindt je het gek?

Ik mis hem wat moet ik doen. Ik bel mijn bel tegoed weg aan het al mijn vrienden het erge nieuws te verkondigen. Ik heb nu ook geen vrienden meer.

 Hoi vriend 

He Pieter hoe gaat tie man?

Slecht, kreun ik zielig alsof iemand net een vrachtwagen in mijn achterste parkeert.

Wat is er dan zegt vriend bezorgt.

Heb je dan nog niet gehoord wie er dood is?

Nee, zegt vriend nu wel erg bezorgd en duidelijk geschrokken.

Andre H6

Na een scheld ritueel van tien minuten van vriend, zegt hij voor hij mij de vergetelheid indrukt.

Ik wil je nooit meer zien, je lijkt mijn moeder wel.

Dit gesprek voerde ik met veertig verschillende vrienden, die nu van een gelukkig leven zonder mij genieten, Allemaal dankzij H6. Die nu eindelijk geen eenzame kerst meer hoeft te vieren. Ik wel, nu ik geen vrienden meer heb. Ik besluit naar de condoleance in de Arena te gaan, Niet voor H6 die het geen reet kan schelen dat ik daar ook zal zijn. Nee ik kom daarvoor vrienden, die allemaal voor een moment een zullen zijn. In een keer weet ik veel, hoeveel vrienden. Dat kan allemaal als H6 dood gaat. Blij zet ik een plaatje op van Sjonnie Cash, en verheug me al op de Arenana.

 

 

 

 

 January 19, 2013  Posted by at 10:26 Pieters Proza Tagged with:  Add comments

 Leave a Reply

(required)

(required)