Mar 152013
 

Title: Oplichters | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza In de zeven jaar dat galerie Slaphanger heeft bestaan ben ik twee keer op een hele aparte manier opgelicht.
De eerste keer zat ik met Ricardo Suares (keert regelmatig terug in mijn verhalen, waar hij tot op de dag van vandaag flink voor in de buidel moet tasten) te praten over de boekhouding die hij voor de galerie deed, toen er twee kerels met tulbanden op hun hoofd de galerie in de Grote Visserijstraat binnen kwamen. “Hallo”, zeiden ze met een accent, dat u wel kent als Engelsen mensen uit India nadoen. Dit waren echter geen Engelsen maar Indiërs, die je toen bijna nooit op straat zag. Pas later kreeg iedereen in de grote steden visitekaartjes van paragnosten, waarzeggers en andere grappenmakers van Indiase komaf door de brievenbus. Hoogstwaarschijnlijk waren Ricardo en ik een try-out voor deze twee mannen in traditionele witte kledij.
Eerst keken ze wat rond, terwijl ze hun prachtige taal met elkaar spraken. De kleinste, met hele grote ogen zonder een hele lange mooie baard die de ander namelijk al onder zijn kinnebak had hangen, vroeg of hij met mij kon praten. Hij keek mij doordringend aan met zijn grote ogen. Ik vond het nogal vreemd: De man met de baard vroeg hetzelfde aan Ricardo. Voor ik kon antwoorden liep Ricardo met baardman naar achteren de andere ruimte in, en bleef ik, zonder ja of nee gezegd te hebben, achter met staarmans. “Waar kan ik je mee van dienst zijn?”, vroeg ik zo ongeveer. Het kan even- goed dat ik hem alleen maar aanstaarde, het is al lang geleden. Hij zei dat hij zag dat er een mooie dag voor mij aankwam. Normaal zou ik zeggen:”Ja fijn, heel leuk voor je, maar wil je even een heel eind oprotten, naar India bijvoorbeeld”. Maar ik kreeg het niet voor elkaar dit te zeggen tegen staarman. Hij pakte een foto uit zijn borstzak, een zwart-wit foto uit het begin van de fotografie. Ik bekeek hem. Er stonden wat van zijn soortgenoten op, in dezelfde kledij als hij droeg. Toen zag ik dat híj er bij stond. Het kan gefotoshopt zijn natuurlijk, maar dan was het wel heel erg goed gedaan. Ik was onder de indruk, al weet ik nog niet waarom.Er hing een vreemde lucht in de galerie die mij wat draaierig maakte. Misschien is in dit geval zweverig een beter woord.
Hij pakte mijn hand en begon die te lezen. Er stond naar mijn weten niks in mijn hand geschreven, maar staarman zag hele boekenkasten.Wat hij allemaal zei weet ik niet meer, maar ik zou over drie dagen rijk worden. Echt hoor. Nú vind ik rijk worden niet het allerinteressantst, maar tóen was ik één en al oor, helaas. Hij vroeg mij of ik hem iets kon schenken, met zijn vriendelijke glimlach. Ik loog dat ik geen geld had. “Slim”, zult u denken, of misschien: “Wat is die Zandvliet toch een gierige Hollander”, maar ik gaf hem zo mijn horloge, net gekregen van Xandra. Toen nog mijn vriendin, nu mijn vrouw. Ricardo kwam van achter met baardman achter zich aan. “Ik ga even geld pinnen”, zei Ricardo met een wazige blik in zijn ogen, en liep met de man de galerie uit.
Toen kwam Xandra de galerie binnen. Staarman, die nog steeds tegenover mij zat, leek te schrikken van haar. Ik wilde hem voorstellen, maar hij maakte snel de pleitvaart. Xandra vroeg wie dat was, en de kerel waarmee Ricardo haar passeerde zonder haar te groeten. Ik vertelde het verhaal en kreeg uiteraard op mij donder. Ricardo ook, toen hij terug kwam en vertelde dat hij honderd gulden aan baardman had gegeven. Wij hadden geen verweer, voelden ons nog dagen vreemd en zijn nog altijd aan het wachten op onze rijkdom.

Title: Oplichters | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Een andere oplichter was Opa Klaas. Zo moest ik hem noemen, vertelde hij al snel toen hij de galerie binnenkwam. Het was een bejaarde man, keurig verzorgd en erg spraakzaam. Hij vertelde erg leuke verhalen over het Rotterdam van vroeger, aan mijn oren altijd wel besteed.Gezellig.
Jammer dat ik àl die man zijn verhalen vergeten ben. Hij had het ook over Sparta, zijn club en mijn club. Dan zit het al snel bromsnor natuurlijk.
Ik vertelde hem dat ik kunstenaar was,  kunststof smolt, waaronder Barbie- poppen, en hier werken van maakte. Ik ben er niet veel later mee gestopt. Hij prees mij ietwat overdreven de hemel in, waar hij nu inmiddels wel zal zitten en de Heilige boel aan het belazeren zal zijn, want dat kon hij meesterlijk. Oplichten is een vak. Ik vind het op de manier zoals Opa Klaas dat deed eigenlijk heel mooi.
Na een tijdje vertelde hij opeens, een beetje droevig, dat hij zijn huis uit moest, omdat hij naar een bejaardentehuis moest, en hij had nog heel veel spullen die dan weg moesten; platen, een koffiemolenverzameling en noem de hele rataplan maar op………….
Heeft u het opgenoemd?
Dan ga ik verder. Ik sprak met hem af dat ik de zaterdag erop bij hem langs zou komen, om wat spulletjes op te halen. Ik zag al wat kunstwerken voor ogen, die ik zou gaan maken met de spullen van Opa Klaas.
Toen vroeg hij of hij geld kon lenen tot zaterdag. Hij moest nog het één en ander regelen.
Opa Klaas had mijn dag zo aangenaam gemaakt met zijn verhalen en aanwezigheid, dat ik hem graag vijfendertig gulden leende, geen punt. Ik had er een vriend bij, en daar moet je volgens een oud spreekwoord zuinig op zijn. Natuurlijk ging ik die zaterdag voor lul naar de Ruilstraat, waar hij moest wonen. Maar wat is nou vijfendertig gulden voor een mooi verhaal……?

 March 15, 2013  Posted by at 13:36 Pieters Proza  Add comments

 Leave a Reply

(required)

(required)