Jan 282013
 

Title: Paalschuren | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Het zal best wel eens gebeurt zijn, dat ik met een paal in mijn broek in natte dromenland naar een mooi meisje heb staan staren.
Helaas kan ik dit niet hard maken, omdat ik me dit simpelweg niet herinner.
Maar tegen een paal aan staan te kruis schuren, het zogenaamde “paaldansen”, dat heb ik nooit gedaan.
En als ik het zou doen, is het om dit fenomeen eens flink proberen belachelijk te maken.
Aan het einde van mijn act moet dan toch minstens de zaal kotsend en walgend naar de onder de stront zittende de paal staren, waar ik even daarvoor lekker mijn bilnaad heb langs staan schuren.
Het zal er zeker niet inzitten dat ik deze act werkelijk ga doen, en het juiste publiek zal mij niet laten dansen, die nemen dan een ordinaire snol, of een zonnebank gebruinde kleerkast.
Laten we even wel wezen, ik ben niet jaloers hoor, tieft nou gouw op!
Naar mijn idee is de bedoeling van het kijken naar de kruis schuurders dat je er geil van wordt, je moet je dan gaan indenken dat de ijzeren paal, jouw pik is.
Dit lukt mij van geen kanten, het indenken niet, en het geil worden al helemaal niet.
En dan zal dat voor dames toch helemaal moeilijk worden, die moeten zich ook nog eens gaan indenken dat ze een pik hebben.
Wat veel dames blijkt te lukken, want ik zag er op televisie al heel wat gillend en even zo vernederend grijpen naar een gespierde geblondeerde trol paal schuurder.
Nou ik vind het niks, eerlijkheid halve draai ik mijn kop niet om voor porno, okay daar word ik ook niet geil van zonder aan mij zelf te zitten, maar dat zou niet eens helpen bij dat paalschuur gemuts, ik zou het geweldig vinden als ik de paal onder 220 volt zou zetten, en het effect op de desbetreffende paalschuurder lijkt mij dan erg boeiend.
Nee weet je wat erotisch is als een vrouw volledig aangekleed danst op zigeuner muziek, zoals in de Franse film,”Gadjo dilo” te zien is.
Dat is verdomme pure schoonheid.
Maar schoonheid en goeie muziek spelen bij geilheid natuurlijk veelal geen rol.
Geilheid is dierlijk, en zeker paal schuren, kijk maar naar beesten met vlooien die schuren ook met hun lichaam langs van alles en nog niks.
Stel je toch eens voor, je bent net als ik een beetje ziek in je hoofd, en je presteert het verliefd te worden op een paalschuur figuur.
Komt hij/zij voor het eerst bij jou eten, heb je in plaats van kaarsen een paal op de eet tafel gezet, een levens grote Goudse kaars zou ook kunnen natuurlijk.

Prachtig vond ik hoe Kim Holland in de film Vet Hard een paar klappen op haar gelaat kreeg, toen ze zwoel stond te paal schuren.
Niet om dat het Kim Holland is, want daar heb ik geen hekel aan.
Maar omdat Jack Wouterse in Vet Hard precies deed wat ik ook graag met paal schuurders zou willen doen.
Het publiek is natuurlijk altijd de schuldige, die maken het mogelijk dat de paal schuurders werk hebben, want ik kan me niet indenken dat je voor televisie naar Netwerk zit te kijken, de televisie uit doet, en denkt ja ik ga even mooi voor mezelf tegen de krab paal van de poes aan ga staan schuren.
Dus ben ik bang dat ik het publiek ook maar moet afschieten…..
Nee laat ze ook maar, ieder zijn meug.

PS Paalzitten vind ik ook niks hoor!

 January 28, 2013  Posted by at 12:16 Pieters Proza No Responses »
Jan 272013
 

Title: Twee stukjes die ik opdraag aan Hans van Heelsbergen, beter bekend als Hans Textiel | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Hans Textiel

Ik wil absoluut niet weer met dat ik ergens liep met mijn hondjes beginnen.
Maar ik liep er dus wel mee, het verschil maakt dat nu niet mijn vrouw er bij liep maar mijn stiefzoon Itam.
Lekker belangrijk allemaal zult u hoogst waarschijnlijk denken terwijl u nog wat neus inhoud de vergetelheid in piekt.
Voor mij is het wel belangrijk, wat blijkt aan mijn stukjes waar mijn honden maar al te vaak in voorkomen.
Het lijkt wel of ik niks zonder die twee poep doosjes kan beleven.
Een saaie iedere keer dezelfde intro van een tekenfilm voor kinderen tot drie jaar.
Ja daar gaan deze stukjes wel erg op lijken.
Nou ja, dan doen ze in ieder geval nog wat, mijn stukjes.

Nou ik ben er dus niet mee begonnen, ik liep met mijn hondjes en Itam over de Groenenlaan toen ik Hans Textiel inkeek, op zich blijkt dit al een vorm van een saaie wandeling te zijn, anders kijk je Hans Textiel niet binnen.
En dan bedoel ik natuurlijk een winkel van Hans, niet zijn darmgestel.
Heel de Gorzen (wijk die ik bewoon) stond in de rij voor de kassa.
Ik zei stoer tegen Itam, daar ga ik niet tussenstaan.
Deze veel te vaak uitgesproken zin was nog niet gestorven, of ik gaf Itam de hondjes en waagde als een sporter die van levens gevaarlijke acties houd, de sprong Hans Textiel in.
Het was er zo druk omdat, Hans die er zelf overigens niet was, Vijfentwintig procent korting gaf.
Dit omdat Hans van Heelsbergen oud profvoetballer en oud voorzitter van mijn club Sparta, zestig jaar is geworden.
Bij deze gefeliciteerd Hans, je moet wel een hele toffe kerel wezen, daar ben ik heilig van overtuigd.
Ik zocht een mooie jas uit van Hans zijn eigen merk”Heren scene”.
Beetje vaag, maar dat is het sowieso als je Hand Textiel met je volle verstand in loopt.
Hoewel daarbij moet gezegd worden, is het wel zo slim om een trui van een merk te kopen, waar dan heel groot de naam van het merk opstaat, je loopt dan dus reclame en betaald er nog dik voor ook.
Nou dan ben je wel een hele erge klootzak, je bent dit leven dan gewoon niet waard.
Ik heb diverse van die truien in mijn kast hangen.
Ik kocht ook nog een broek waar ik op mijn vrouw’s aanraden er al twee van gescoord had.
Bijna nog net niet huppelend liep ik op de gigantische rij verlept vlees af.
Ik sloot aan bij de kinderlingerie.
Meteen brak het zweet me uit.
Ik mocht me absoluut niet verdacht maken, voor zover ik dit al niet was door hier te staan.
Niet naar de onderbroekjes kijken Pieter, spookte het door mijn zielige hersens.
En hup ik keek de andere kant uit, recht in het bleke gelaat van een meisje van weet ik veel hoe oud.
Dat kan ik op mijn leeftijd niet meer zien.
Niet vanwege mijn ogen of misschien ook wel niet eens vanwege mijn leeftijd, ik kan het gewoon niet zien.
Ze was puber, dat moest haast wel.
Maar dat kon ik niet zien omdat ik inmiddels al heftig naar het plafond keek, om me niet verdacht te maken.
Had ik dat maar nooit gedaan, het rund voor me, de moeder van het meisje liet iets vallen en bukte, heel hard botste ze tegen mijn zo geliefde edele delen.
Nu liet ik mijn kleren vallen en kromp ineen.
“sorry hoorde ik ergens vandaan komen.
Wat moest ik doen, de Hulk worden?
Nee ik ging recht op staan, en hield nu maar de platte reet voor me goed in de gaten.
De platte reet hoorde bij een vreselijke kop die constant rare draai bewegingen maakte.
Een tik was mijn conclusie.
Daar kon ze net als ik, ook niks aan doen.
Maar aan haar vervelende platte reet had ze wel wat kunnen doen.
Die had ze bij zich moeten houden.
Twee gevaarlijke vrouwen voor me, had een vlees homp het erover dat ze nooit maillot ’s droeg, daar werd ze eng van.
Ik gluurde naar heer enorme batterij, en was het met haar eens.
Ik zou er ook eng van worden als zij een maillot zou aandoen, laat staan dat ze hem dan ook nog zou dragen.
De rij was lang, gelukkig er stond nog een man.
Die man stond zich druk te bewijzen door stoere praat.
Alsof zijn verwoedde pijnlijk zielige pogingen hem nog konden helpen uit deze situatie.
Het was gewoon simpelweg diep triest hier te gaan staan.
Maar oh wat voelde het heerlijk om dat te beseffen.
Ik fantaseerde dat we voor wat eet bonnen in de tweede Wereld oorlog stonden te wachten.
Maar de dikke reten trokken me weer in de werkelijkheid.
Die hadden gewoon misplaatst geweest in de tweede Wereld oorlog.

Een hele tijd later, nog heel wat plat reet bewegingen ontwijkend kwam ik aan bij de kassa.
Als een overwinnaar lag ik mijn buit op de kassa.
Ik groette de dames vriendelijk alsof ik blij was en liep de duisternis in, op weg naar een ander spannend avontuur.

 

Title: Twee stukjes die ik opdraag aan Hans van Heelsbergen, beter bekend als Hans Textiel | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Kut theater

Een idee voor een kunstwerk komt bij mij veelal spontaan, daar wil ik om de houdbaarheidsdatum van het plan niet te lang over nadenken.
Met mijn manier van werken komt dit het geschiktst uit.
Er woonde ooit een kunstenaar in Parijs die zei,”als ik een idee in mijn hoofd heb hoef ik het niet meer te maken, dan is het er al”, zo ongeveer kan ik me daar wel in vinden.
Misschien kent u deze kunstenaar toevallig, zou kunnen maar er woonden natuurlijk duizenden kunstenaars in de Franse lichtstad, zijn naam was Pablo Picasso.
Maar goed ik ga u niet om de oren slaan met nog meer vergelijkingen tussen mij en de Spanjaard, kon ik dat maar.

Het komt soms voor dat ik een idee voor een werk of object het dat blijft hangen, ik heb dan al heel vaak overwogen het te maken, maar steeds besloot ik het niet te doen.
Zo ook het volgende idee van een dames slip waar ik een vierkant gat in wilde knippen met daarvoor een gordijntje, een kut theatertje zeg maar.
Het zou er luxe uit moeten zien met zelfs een minuscuul staafje waar het gordijntje dan aan bevestigd moest worden.
Het idee spookte al drie jaar door mijn hersens.
Maar deze week kwam het weer omhoog, en ik besloot het te gaan maken.
Ik vertelde erover aan mijn vrouw, die het wel grappig vond, maar ze wilde weten hoe ik het ging noemen,”ode aan de vrouw”, riep ik trots, maar haar verbaasde gezicht deed mij diep, heel diep nadenken over deze naam.
Het is wel erg familiair om alle dames doosjes te gaan vereren, ik heb ze gelukkig niet allemaal gezien.
Ik herstelde mijn naam en zei wat minder trots nu,”Ode aan Xandra”, ook dit was haar iets te machtig.
Waarom noem je het niet gewoon,”ODE”, nou dat vond ik dus een drollerig idee.
Ik besloot het zonder titel te noemen.
Gezamenlijk naar nog veel te lang door bomen over het kut theater besloten we naar de bouwmarkt te gaan, maar eerst natuurlijk naar Hans Textiel, kijken of hij nog wat mooie slipjes in zijn collectie had.
Nou die had hij dus niet, maar ik wilde perse een slip van Hans en anders niks.
We stonden interessant met in Xandra’s handen een slip omhoog te houden, verder niet om ons heen kijkend naar de andere klanten van Hans.

Opeens drong er iets tot mij door.
Xandra, zei ik als Bogart in Cassablanca, leg maar neer die slip.
Waarom zei ze verbaasd.
Het zat namelijk zo dat het gordijntje dus meer naar beneden zou moeten als ik hem precies voor de vrouwelijke in en uitgang zou willen hebben.
En dan zie je dat hele theater niet.
En op de plaats die ik in mijn domme kop had zou je hooguit een stukje venus heuvel zien, en daar gaan mensen tegenwoordig echt niet meer voor naar het theater hoor.
Xandra lag schouder ophalend het slipje bij zijn walgelijke soort genoten en ging opzoek naar leuke aanbiedingen van Hans.
Had ik dat hele gedoe nou maar drie jaar geleden allemaal bedacht, zat dat daar verdorie drie jaar voor niks in mijn kop te rotten.
Ik verliet Hans mijn vrouw achterlatend, stak buiten geen sigaret op en liep langzaam het beeld uit…….

 January 27, 2013  Posted by at 14:39 Pieters Proza No Responses »
Jan 262013
 

Title: Twee verhalen over de bajesboten uit 2005 | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Dromen bij de bajesboten


Nog geen 500 meter van mijn huis vandaan liggen op de Gustoweg de Bajesboten.
Weer een nieuw woord voor in de Dikke van Dale (of Dale een Dikke heeft laten we even in het midden).
Erg nieuws gierig geworden reed ik naar deze trek pleister.
Ik heb immers de debiele gewoonte om naar bijzondere boten te gaan kijken die onze haven aandoen.
En als ik dan voor zo’n Cruiseschip sta, merk ik altijd dat ik niet de enige debiel ben.
Bij de Bajesboten aan gekomen omringd door een hek merk ik dat ik daar wel de enige debiel ben.
Als witte schoenen dozen met allemaal vierkante raampjes liggen ze daar, daar waar ooit hijskramen grote boten van oud ijzer voorzagen.
Op de eerste dag was er al een illegaal (een illegaal is een benaming voor een menselijke soort genoot die hier alles behalve gewenst is) ontsnapt.
Mijn held dook in het water en ontsnapte via de kade.
Ik hoop dat ze deze negentien jarige jongeman nooit zullen pakken.

Vroeger had men in Rotterdam al eens het idee om prostituees op sex boten te plaatsen.
Vlakbij mijn ouderlijk huis in Delfshaven.
Mijn moeder vond het verschrikkelijk (ze hoefde er niet eens te werken hoor).
Ik was twaalf en heb er ook nachten van wakker gelegen.
Maar om geheel andere redenen als mijn moeder en al haar soort genoten.
Nee ik was opgewonden, kreeg in die tijd al een erectie van het woord sex boot.
Dat moest in mijn ogen de Hemel zijn, allemaal vrouwen die alleen maar willen vrijen.
Ja inderdaad ik was wat naief bij nader inzien.

Bij de Bajesboten kreeg ik ook gedachte spinsels, al waren die nu minder Hemel’s.
Ik vroeg me af hoe groot de cellen waren.
Wie er verbleven, collega kunstenaars waar ik vast hele leuke gesprekken mee kon voeren, waanzinnige muziekanten, professoren, mooie mensen noem het maar op.
Er moet daar op die mens onterende klote boten toch heel veel toffe mensen zitten.
Die nu misschien en bijna zeker doods angsten ondergaan.
Want ze wachten immers tot ze terug naar hun land moeten waar ze misschien gedood worden of weet ik veel wat voor vreselijks ze te wachten staat.
Bij zo’n conclusie voel je jezelf machteloos hoor.
Het is een naar idee om te weten dat al dat leed zo dicht bij mijn huis plaats vindt.
Voor die mensen maakt het natuurlijk niet uit of die boten in Schiedam of Harlingen liggen.
Het blijft even klote.
Behoorlijk aangeslagen door mijn eigen hersenspinsels rij ik verslagen naar huis.

Title: Twee verhalen over de bajesboten uit 2005 | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Escape from de Bajesboot

Een kus vol wel gemeende liefde belande op de lippen van mijn vrouw, toen ik afscheid van haar nam, niet voorgoed, ik had haar alleen naar haar werk gebracht.
Vrolijk reed ik weg op mijn scooter, met haar nu lege helm tussen mijn benen richting het bruizende nooit slapende Schiedam.
Keer op keer geniet ik er van als ik dwars door de havens rijd, zo ook deze prachtige flink in de war zijnde herfst dag, ik bedoel de zon scheen en het was zeventien graden zonder een zuchtje wind in mijn bebrilde snoet.
Maar ik werd abrupt uit mijn genieten gerukt, door een magere kerel die voor mijn scooter sprong, ik kneep vol in mijn remmen, om te voorkomen dat die kerel niet verder zou kunnen leven als Zelfmoordenaar.
Nou een bedankje kon er niet af, voor ik het wel en wee wist zat meneer achter op mijn scooter met de helm van mijn vrouw op, te gillen,’’Drive drive”.
Wat ik maar deed, omdat hij ook nog mijn kruis had beed gepakt, en er de eerste meters hard in kneep.
Langzaam drong tot mij door dat de ze man een ontsnapte van de bajesboot was.
Na Schiedam gepasseerd te hebben, nam het knijpen van de ex gedetineerde wat af, en begon ik het zelfs aangenaam te vinden.
Wat ik natuurlijk helemaal niet wilde, en de ex gedetineerde al hellemaal niet, toen hij door kreeg dat hij een ercectie had getoverd, begon hij te gillen,’’Stop stop you gay stop”.

En ik stopte, en wilde hem achter laten in Vlaardingen met de helm van mijn vrouw nog op zijn verwarde kop.
Maar helaas hij had mijn sleutel uit het contact gehaald.
Hij bleef maar schelden, dat ik niet normaal was, dat hem dat weer moest gebeuren, ontsnappen met een verdomde homo.
Wat mij verbaasde was dat hij dit deed in het Nederlands.
Ik besloot in het verweer te gaan, en zei, weet mijn penis veel wie hem beet heeft, dan zou iedere man die zich zelf bevredigd (wat klinkt dat kerkelijk trouwens), een homo zijn omdat hij een stijve van een mannen hand krijgt.
Ik sloeg na deze zin, die mijzelf verbaasde, mijn armen over elkaar, om te doen alsof ik zeker over mijn zaak was.
Hier werd hij even stil van.
Even helaas, want zijn gezicht trok zich van de woedende plooien, in de treurige plooien, en begon hij te jammeren op zijn knieen of ik hem wilde helpen.
Nu was mijn kans, met één rake trap zou ik hem onschadelijk kunnen maken.
Maar als ik zo naar het arme hoopje zielige mens keek, was hij al niet echt schadelijk.
Ik pakte hem bij zijn arm, en reed weldra weer in de richting van het altijd bruizende nooit slapende Schiedam.
Ik voelde hoe het manneke zich achter mij ontspande, doordat hij zijn hoofd met helm om mijn rug neer plantte.
Het moet er erg vreemd uitgezien hebben.
Bij mijn huis aangekomen gingen we snel naar binnen.
Ik gaf hem een hand, en zei mijn naam.
Hij ook, en zijn naam was Memed.
Hij kon dus geen Fries zijn, nee hij was een Iranees, die om onduidelijke redenen naar Nederland was gevlucht, en geen paspoort had.
Memed had een probleem, maar ik legde hem vriendelijk uit dat ik die niet kon oplossen, door hem in mijn huis te laten onderduiken.
Verder vertelde ik maar niet dat ik dan ook strafbaar was, dat zou niet echt stoer klinken.
Hij zei dat hij alleen de tijd nodig had om een plan te bedenken.
In die denktijd kon hij dan voor me koken en het huishouden doen.
Dit klonk wel erg aantrekkelijk.
Ik zei dat ik ook nog een vrouw had, ik moest het daar met haar ook nog over hebben.
Maar die zou het vast niet erg vinden dat ik ex gedetineerde onderbracht, zonder precies te weten wie ik voor mij had.

Hij had grote bruine ogen, en naar het leek een veel te groot gebit voor zijn kleine hoofd.
Ik keek naar mijn honden, die zou hij niet kunnen uitlaten, omdat ze hem dan zouden snappen, wat een min puntje was.
Toen hij mijn schaakbord zag werd hij wild enthousiast, hij wilde meteen een potje spelen.
Het werd een kort potje die hij na vijf zetten won.
Hij zei dat hij de kampioen van zijn dorp was, ik deed alsof ik het niet hoorde, en vroeg of hij thee wilde.
We dronken onze thee, en Memed was een kletskous, of misschien was hij dat wel, omdat hij op die bajesboot weinig kon vertellen.
Aan mij deste meer, over zijn familie, die hij zo miste, zijn beroep leraar, en zijn hobby dansen.
Wat een vrolijke hobby zei ik, en liep meteen naar mijn ongelofelijk geavanceerde stereo toe, en zette een cd op van Ravi Shankar, die geen Iraniër is, maar dat mocht de pret niet drukken.
Memed ging helemaal los, wat kon dat kereltje goed dansen, na een tijdje pakte hij mijn handen en probeerde mij uit mijn stoel te trekken, ik hielp hem maar, anders hadden we in dat moment moeten blijven.
Natuurlijk wilde ik mij niet uit het veld laten slaan, en deed mijn Wereld beroemde imitatie van een zak aardappelen op een rijdende vrachtwagen over een hobbelige weg na.
Hij lag in een deuk, hij was niet de eerste, en zou zeker niet de laatste zijn, hoewel…
Hij leerde mij wat van zijn prachtige elegante bewegingen, ik weet niet of zijn bewegingen zo mooi waren geweest als het geluid naar zijn gehoor niet uit mijn geavanceerde boksen had gekomen.
En de deur ging open, ik schrok, maar Memed nog veel meer, hij dook achter de bank, waar hij heftig zat te trillen, niet bang zijn Memed het is mijn vrouw Xandra, zei ik mijn lach inhoudend.
En zo kwam Xandra binnen gelopen.
Ze schrok ook toen Memed achter de bank vandaan kwam om zich vrolijk voortestellen.
Xandra had wel meer vreemde bezoekers in haar eigen huis ontmoet, maar die kwamen nooit achter de bank vandaan.
Ik vertelde haar het verhaal beknopt wat ik hier boven beschreven heb.
En ze vond mij een held, dat ik Memed had geholpen.
Hij kon zolang blijven als hij wilde.
Dus tja, Memed woont dus alweer drie weken bij ons.
Niet verder vertellen hoor…

 January 26, 2013  Posted by at 20:39 Pieters Proza No Responses »
Jan 262013
 

Title: De Papiergrijper | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza In het vroege ochtendgloren liep ik vrolijk, althans niet chagrijnig in ieder geval, naar mijn fysiotherapeut. Wat is de Gorzen toch mooi zo vroeg in de morgen dacht ik, terwijl ik tevreden als een oud baasje naar de arbeiders huisjes keek. Geen grote gebeurtenissen die de geschiedenis boeken in gingen, maar verder gebeurt er elke minuut wel iets in deze huisjes in de Gorzen van Schiedam. Een bevoorrecht mens ben ik, dat ik hier mag wonen, en dat zonder dat ik het vroeg.

Op de stoep zie ik krijt tekeningen, die ik van jaloezie wat probeer weg te vegen met mijn schoenzolen, nee hoor dat lieg ik, al had ik het graag gedaan, als dat oude mens niet even verder op haar zwart witte stoep schijtertje aan het uit laten was. Op de plaats waar twee jaar geleden ene Joop met twintig messteken om het leven kwam, hebben de kindertjes met krijt RIP neergezet, wat lief denk ik ietwat sneller door wandelend.
Beetje morbide is het wel.

De fysiotherapie gaat klote, maar goed morgen op vakantie naar Barcelona, dus ik moet het nog wel even uithouden die dodelijke schouder en rug pijnen. Op de terug weg zie ik een man met een rond brilletje en een papier grijper in zijn knuist, de naam van de papier grijper eer aan doend, hij grijpt namelijk papier. En mijn God mensen lief, dat doet deze man niet zomaar, een beetje papier grijpen, nee mij valt op dat deze man in dat afzichtelijk felle overal dit papier grijpen met een grote grijns doet, een prachtige grijns, die bij elk papiertje dat hij grijpt groter wordt. Fascinerend gewoon die kerel, ik stop om naar dit tafereel te kijken, hopend dat hij mij opmerkt, en misschien in het uiterste geval mij groet, of misschien geïrriteerd toe roept, “sta je soms naar mijn reet te kijken flikker”, in ieder geval iets, maar nee, de man is verzonken in het schoonhouden van de Gorzen, die dus zo mooi is dankzij deze geheimzinnige papier grijper.

Na een tijdje stopt de grijns met groter worden, omdat de papiertjes op zijn, die hij gretig kan grijpen.Ik voel in mijn zakken of ik nog wat kan vinden om neer te gooien, maar nee, echt helemaal niks. Het mannetje loopt door, met een grijns op zoek naar meer papier, mij achter latend vol respect voor deze grijnzende papier zoeker. Eén ding staat voor mij vast, een papier zoeker als deze, zal ik in Barcelona echt never nooit niet vinden.

 January 26, 2013  Posted by at 13:12 Pieters Proza No Responses »
Jan 252013
 

Title: Weledelgestrenge Heer Jan Willem Pieter Zandvliet :) | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza 21 jaar was ik, alles wat kon mislukken tot een gedegen normaal rendabel man met een gouden toekomst had ik achter de rug, en nog veel meer zou volgen. Maar dat schept wel leuke situaties voor mijn trouwe lezers, alle drie.
Ik had net een wilde en korte romance achter de rug, hij was echter niet uit mijn hoofd, maar ik besloot te solliciteren op een baan, als post jongen op de postkamer van een Rotterdams advocatenkantoor. Een dag eerder had ik op dezelfde enerverende baan gesolliciteerd in de Van Nelle Fabriek, en ik had het onlangs mijn warrige voorkomen net niet gered, zo vertelde een vriendelijke man mij per telefoon.

Stront zenuwachtig ging ik met tramlijn 6 naar het Centrum van Rotterdam, waar het advocaten kantoor zich bevond. Op een stoeltje moest ik wachten tot mijn naam werd omgeroepen, ik heb tachtig keer in tien minuten gedacht weer wegtelopen, net toen ik besloot aan mijn gedachte gehoor te geven werd mijn naam omgeroepen, en leek het alsof ik al dol enthousiast was om naar de sollicitatie te rennen. Een sacherijnig kijkende bril dragend mollig figuurtje gunde mij geen blikwaardbig, toen ik hem groette. Mijn haat was geboren, en alle ziektes die je kon krijgen zou ik gelijk aan Sinterklaas zo aan de man toebedelen, en dan zonder eten naar bed.
Hij gemaande mij met een hand gebaar voor hem te gaan zitten. Daar stopt het, ik weet niet waar ik het verder met de kerel over gehad heb, of met mij. Tot hij zei dat ik was aangenomen, en dat hij mijn baas was. Laat ik hem Lex Goudsmit noemen, om da ik liever geen echtte namen van de personen in dit stukje wil noemen. Al was de kerel op leeftijd, en dan nog met al die ziektes zonder pepernoten, nee die zal mij niet meer aanklagen, en hij zal vast niet één van mijn drie lezers zijn. Mocht da wel zo zijn, krijg dan alsnog de pest.

De maandag op deze vrijdag stapte ik weer op tramlijn zes richting mijn baan. In de tram voelde ik de knoopjes van mijn jas op mijn borst en buik, ter inspectie keek ik even hoe dit kon, nou ik was vergeten een trui, shirt of blouse aan te doen. Ik kon niet meer terug, want dan zou ik de eerste dag al te laat om mijn werk komen. Ik kocht vlot een wit shirt bij de Hema, Obstakel opgelost.

Op de afdeling van mijn werk waar de postkamer zich bevond werd ik voorgesteld door Lex Goudsmit aan al mijn vriendelijke collegae, op e´en vriendelijke na, degene die mij in moest werken, Albert mol. Deze verwijfde kerel was erg populair bij alle secretaresses, hij viel ze nooit lastig denk ik. Het duurde een week voor alles wat ik moest doen een beetje liep, toen kwam er een afscheidsfeestje van Albert Mol, ik werd dronken, geen goede zet. Ik vergeet het veelal als ik dronken ben geweest, dus werd ik door Lex Goudsmit tot de orde geroepen, ik weet niet wat ik gedaan had, maar het leek hem beter als ik op personeels- feestjes geen drank meer dronk. Even later zat ik achter mijn bureau, de faxen liepen binnen uit heel de Wereld, terwijl ik eens bekeek wat er in de kast stond, kantoormaterialen en sigaren die de advocaten soms kwamen kopen, de secretaresses kochten de kantoormaterialen, en het geld ging naar Lex Goudsmit, maar ik bracht natuurlijk de nodige zelf verzonnen procentjes in rekening. Ik ging de post en faxen rond brengen, bij iedere secretaresse werd ik steeds verliefder, een buik vol vlinders, wat een baan. Na twee weken kreeg ik een collega op de postkamer, met de naam Kuttschreuter, ja die naam is dan weer wel echt. Steeds als hij zijn naam noemde schoot ik in de lach. Dit deed een vriendschap geen goede, hij werd dan ook al snel ziek, en kon ik weer alles alleen doen. Met pijn in mijn hoofd omdat ik die ochtend tegen een pilaar was aan gelopen toen ik mijn collega’s vrolijk groette, besloot ik het archief in de kelder een beetje op orde te gaan brengen. Twee uur later wekte een secretaresse mij daar, ik lag in een archief kast siësta te houden. Gelukkig was de vrouw mij goed gezind, en zou niks verklappen. Ze liep weg, ik bekeek haar eens goed, en dacht eraan haar ten huwelijk te vragen….

Op een kwade dag was ik een fax vergeten te brengen bij advocaat Leen Jongewaard. Ik zag dat ik drie uur te laat was en de fax Urgent was. Ik maakte er een mooie prop van en wierp die sierlijk in de prullenbak. Toen kwam de Secretaresse van Leen Jongewaard binnen, ze vroeg naar de fax, ik zei dat die niet binnen was. Ze geloofde mij niet en begon in de fax apparaten te kijken, maar vond niks. Toen liep ze pissig weg. De dame was nog niet weg, toen die weer open werd gedaan door een woedende Leen Jongewaard, die mij de huid vol schold, ik bleef ontkennen, terwijl Leen voor de prullenbak stond waarop de prop fax waar urgent duidelijk op te zien was stond te schelden.
Na een kwartier hopen op zijn hartaanval, ging hij weg. Toen ik dacht dat ik ervan afwas kwam Lex Goudsmit ook nog even vloeken. Toen die weg was, pakte ik een sigaar, die ik op een bankje aan het stadhuisplein genietend oprookte. Daar besloot ik geen striptekenaar te worden maar advocaat of notaris. Op het gerechtsgebouw aan de Noordsingel had ik eerder die week al stiekem pruiken van de rechters staan passen in hun kleedkamer, waar ik post moest brengen, en die stonden mij goed, zo vond ik. Mijn moeder was blij verheugd met mijn nieuws, van mijn vader kreeg ik een oud pak die ik drie weken aanhield. Als ik in het veel te grote pak de post rond bracht hoorde ik de secretaresses achter mij giechelen, maar dat boeide mij niet, ooit zouden die mij gehoorzamen.
Toch bleef ik het tekenen trouw, ik maakte namelijk onder werktijd karikaturen van de secretaresses. Lex Goudsmit schrok zich een ongeluk toen ze zagen dat ik de tekeningen in mijn kantoor had opgehangen, met mijn naam overal groot op. Ik moest ze weghalen van de lamzak zonder leven.
Ik besloot de winst van de sigaren niet meer met hem te delen, en rookte inmiddels al meer sigaren als alle advocaten tezamen. Na zes weken ontsloeg ik mezelf, het was genoeg geweest….

 January 25, 2013  Posted by at 16:38 Pieters Proza No Responses »
Jan 242013
 

Title: Ballen op de Wallen | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Vrolijk, uitermate uitgelaten en mij voelend als gangster zat ik tegenover mijn vriend Ricardo.Terwijl de Golf oorlog net was uitgebroken en men nog niet wist of de Amerikaanse soldaten in hun eigen bloed zouden verdrinken, zo als Sadam Hoessein had gezegd, zaten wij quasi gevaarlijk ons geld te tellen, we hadden voor het eerst in ons achttien jarige leven ingebroken.Twee en twintig honderd gulden was de buit, die zouden we flink gaan aanbreken in Amsterdam. Jawel we zouden naar de Wallen gaan, nu  eens niet om langs de ramen te lopen, en te fantaseren wat men in zo’n pees kamertje allemaal wel kon doen.Neuken dat was duidelijk, maar gelijk ook erg vaag.Er hing immers altijd een spanning rond het seks hebben met een hoer, en die gingen wij maar even mooi doorbreken.

Koortsig liepen we even later over de Wallen.Het gangster gevoel had plaats gemaakt voor een vreemd soort huppelkut gegiechel.Wat waren wij zenuwachtig, niet normaal meer.Een hele dikke negerin deed haar deur open, en wenkte naar ons.Gatver zei Ricardo, voordat ik hem een duwtje naar de vleesmassa in de rug gaf.Hij werd aan zijn arm naar binnen getrokken, angstig naar mij omkijkend.Ik zwaaide met een vette grijns op mijn gezicht, en liep door opzoek naar mijn betaalde liefde.Een mooie Aziatische dame zat poedelnaakt mooi te wezen op een krukje.Ze lachte naar mij, achteraf denk ik dat ze mij eigenlijk uit lachte.Ik deed haar deurtje open, heel zelf verzekerd, tot ik daar dus binnen stond, ze bleek niet de enige horizontaal werkster te zijn.Er kwam een hele lelijke donkere dame op mij af, een mix van Samuel Jackson en Micheal Jackson, ik wees dom naar de Aziatische vrouw en wist niet wat ik moest zeggen.Al mijn zelf zekerheid van zo even lag blijkbaar nog buiten.Moest ik nu zeggen ik wil neuken met haar, die daar op dat krukje, en niet met jou griezel.Nee dat had niet aardig geweest, misschien wel dodelijk zelfs.Dus ik liet mij maar begeleiden door de donkere dame, die bij een fonteintje mijn trots waste.Nou trots, hij was inmiddels niet veel groter als een Hollandse garnaal.Ik wilde maar één ding, heel erg graag weer weg.Buiten mijn zekerheid was nu ook mijn geilheid verdwenen.DE donkere dame had een enorm grote mond, en het leek alsof ze heel veel tanden had.En waar haar borsten hoorde te zitten, waren ze in ieder geval niet.Naakt ging ik op een smoezelig bed liggen.In het Engels vroeg de dame waar ik vandaan kwam, ik zei Holland zonder enige vorm van trots.Zei kwam van Jamaica,”Bob Marley”, zei ik bij gebrek aan beter.Ze moest lachen en kwam naast mij liggen.Ze pakte mijn zielig hoopje plas vlees, en probeerde hem neuk klaar te maken.Ik keek rond, ik was beland in een honk waar zoveel mannen voormij deze dame geneukt hadden, bedacht ik mij opeens.Een gedachte die mijn penis niet harder deed worden.Opeens rook ik een enorme strontlucht, ik moest bijna kotsen terwijl Miss Jamaica allerlei geilen dingen tot vervelends toe in mijn oor bralde.De strontlucht bleek van haar af te komen, nee niet uit de plaats waar die normaal gezien uit zou moeten komen, nee uit haar enome mond kwam die mij misselijk makende lucht.Ik draaide mijn hoofd van haar weg.Ik begon mezelf maar af te rukken, en dat hielp, eindelijk ging ze weg om op mijn in condoom verpakte half slappe piemel plaats te nemen.Meteen begon ze overdreven te kreunen, ik was beland in de zieligste pornofilm ooit.En door haar gekreun werd de stront lucht niet te harden, en mijn pik floepte onwelwillend uit haar roze werkplaats.Ze moest lachen, de trut.Voor vijftig gulden meer zou ze mij wel even pijpen, zo gezegd zo gedaan.Haar enorme mond nam mijn Kleinduimpje te grazen, het zag er angst aanwekkend uit.K durfde er net als bij een dokters ingreep niet naar te kijken.Na een tijdje duwde ik haar weg, en ze kwam weer naast me hijgen.Daar lag ik dan naast Miss poepbek mezelf klaar te maken, de zieligste vorm van aftrekken was een feit.Met mijn andere hand greep ik naar een grote donkere tepel die eigenlijk op een borst hoorde te zitten, ze sloeg op mijn hand alsof ik een koekje wilde pikken.Hoe ik het deed weet ik niet maar ik perste er wat sperma uit.Ik waste mijn geslacht in deze vernedering en nam vlug de benen.Buiten stond Ricardo op mij te wachten.En hoe was het vroeg hij nieuwsgierig, goed hoor, loog ik.En hoe was jou dikkerdje vroeg ik ook maar.Heerlijk zei hij, ze zag er niet uit, maar ze deed het ongelofelijk goed, ik kwam alleen erg snel klaar klaagde hij.Ik baalde verschrikkelijk van mijn ervaring in de betaalde liefde.We brachten de nacht door in Hotel Admiraal, in een twee persoonsbed, Ricardo rolde continu snurkend door het ingedeukte matras tegen mij aan.Ik stapte uit bed en ging net als de hoertjes voor het raam zitten.De gracht deed mij alleen nog maar meer aan mijn seksuele afgang denken.Uiteindelijk viel ik in slaap, op de grond naast het bed.Bij het wakker worden wilde ik meteen weer naar de Wallen, ik zou mijn slechte ervaring gaan weg neuken.Tegen de verbaasde Ricardo zei ik dat ik weer zin had.Hij niet, zei hij, wat ik zogenaamd verdacht vond.Hoezo niet, plaagde ik meer mijn geweten als Ricardo, was het niet lekker dan.

Wat later wandelde wij weer over de Wallen, nu nam ik de tij voor een goede keuze.Pas toen het donker werd liep ik naar een raam waar een mooie vrouw weer naar mij lachte.Ik zwaaide naar Ricardo, en deed de deur open.Zwoel kwam de toch wel erg kleine dame op mij aflopen.HI zei ze in het Engels.En even later lag ik met de langharige dwerg in bed, ze vertelde dat ze half Spaans, half Indiaas.Toen ze op mij plaats nam, zei ik iets in het Spaans, waarop een Spaans gesprek tijdens het neuken volgde.Het was lekker, maar heel erg namaak allemaal.Wat de erotische sfeer ook niet ten goed kwam was de radio die aanstond.Toen ik bijna klaar kwam begon ze hysterisch te gillen, nee niet van mijn acties, maar van de aanval op Bagdad die door de nieuwslezer op de radio bekend werd gemaakt.Terwijl het lucht alarm de pees kamer door loeide, vroeg ik of het wel ging met haar.Ze was inmiddels van mij afgestapt en zat naast mij te huilen.IK aaide over haar rug, om zo een soort troost te bieden.Het was mij allemaal veel te bizar, ik zei dat ik niet zo nodig hoefde te neuken.Ze vertelde dat ze het zo erg voor mij vond terwijl Bagdad in brand stond.Ik kwam er vast wel overheen.Toen ik weg wilde lopen riep de mooie dwerg mij terug,”hier een appel voor lieve jongen”, zei ze in het Nederlands.Tot de appel weg rotte heeft hij op mijn nacht kastje gestaan.Tot zover de eerste en laatste ervaringen van een loser op de Wallen.

 January 24, 2013  Posted by at 18:44 Pieters Proza No Responses »
Jan 242013
 

Title: De Dode lijn (2006) | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Wilt u op de Dode lijn komen, dan kan dat, nee het kost u niks. Enige moeite misschien om beroemd te worden en te overlijden. Want alleen dan maakt u kans om op de dode lijn van Itam mijn stiefzoon en mij te komen. We bellen elkaar niet vaak, maar als we elkaar bellen is er meestal iemand dood, een beroemdheid zal ik maar zeggen. Met mijn moeder heb ik een soort gelijke minder vrijwillige dode lijn.

Ik bel haar namelijk nooit om van iemands dood te berichten. Nee zij belt mij altijd met het slechte nieuws dat er een oude bekende, of een familielid is overleden. Deze lijn valt me meestal een stuk zwaarder. Soms mopper ik ook op haar, als ze bijvoorbeeld verteld dat een buurman dood is, waarvan ik niet eens besefte dat hij geboren was. Dat kan dan knap vervelend zijn, ik had dan toch gehoopt dat ik die dode kende. Maar je moeder sla je niet, en al helemaal niet door de telefoon. De dead reports beginnen allemaal met dezelfde zin,”weet je wie er dood is”, zonder die opener geen serieuze kandidaat voor de dode lijn. Soms hebben we het nog even over het verleden van de spiksplinternieuw nieuwe Hemelganger, maar vaak was zijn/haar naam voldoende en zijn we daar tevreden mee. De Paus zagen we aankomen, die was dus alles behalve spannend. Wally Tax die gisteren overleed, vond ik niet eens het vermelden waard, ik betwijfel namelijk of Itam hem kent. Ik zou hem er hoogstens nog even zijn bed voor uit kunnen bellen. Prins Rainer van Monaco was ook al een schot voor open goal, maar toch net de moeite van het bellen wel waard.

Een top dag is als er twee doden op een dag gaan. Bijvoorbeeld 2 November 2005, was als het Theo van Gogh en Gerrie Knetemann niet waren geweest een feestdag voor onze geliefde dode lijn. Geweldig zou zijn als er bijvoorbeeld een gebouw in zou storten met een flink aantal beroemdheden, bij voorkeur een zooi etterbakken natuurlijk. Dan konden we zeggen,’’Er is een gebouw in gestort, weet je wie er allemaal in zaten en dood zijn”, maar dat zal wel nooit gebeuren. Eer gisteren kreeg ik van Itam het bericht dat kunstenaar Anton Heyboer was overleden, die man met de vijf vrouwen. 81 was hij gestorven in zijn slaap. Ja daar ga je niet om treuren, maar toch vond ik het jammer. Hoewel er geen hoogtepunten van Anton meer te verwachten vielen op zijn leeftijd, had hij er toch maar een hoop gehad. Geweldig hoe hij met de ogen dicht, in zijn knuist tal van kwasten een hele zooi werken schilderde. Of hoe hij achterlijk op een gitaar zat te rammen en zat te schreeuwen. De journalist hoopte waarschijnlijk dat Anton toen al dood zou blijven. Dat had een primeur van heb ik jou daar opgeleverd. De musea vonden niet dat het kon, een werk van Anton die twee duizend gulden koste, naast een werk van 60000 gulden van een andere kunstenaar, vertelde hij ooit. Wat een lompe arrogantie, fijn toch als een kunstenaar zijn werken betaalbaar houd? De galeries hebben totaal geen probleem met dit fenomeen, ze verkopen Anton’s werken bij bosjes, en die bosjes zullen nu wel onbetaalbaar worden.* Stiekem hoop ik al op een mooie biografie, of misschien zelfs een speelfilm over Anton Heyboer. Dat was hij meer als waard. Hij maakte misschien niet altijd kunst, maar daar gaat het niet om, Anton was kunst en dat kan maar van weinig mensen gezegd worden. Misschien was Anton zelfs wel een beetje te groot voor onze dode lijn, Itam had het nieuws van zijn overlijden mij persoonlijk moeten berichten. Het ga je goed Anton, wij zorgen wel voor je vrouwen. Ik ben trouwens bang dat ze dat zelf wel kunnen. Natuurlijk ben ik samen met mijn vrouw richting Landsmeer in Noord Holland gereden, waar het huis en de galerie van Anton zich bevinden. Het hele huis is fel beschilderd, waarschijnlijk door zijn meest beschilderde vrouw, die ook de galerie rund. We hadden ons er erg op verheugd, maar het was een afknapper als een peuk in een asbak met een laagje water. Een stel stond een werk voor de kinderen uit te zoeken, en deden dit zo luid dat iedereen van de aankoop moest weten. één werk vond ik erg goed, bij de rest keek ik eigenlijk meer naar hoe de handtekening iedere keer hetzelfde was. Toch wil ik hier niet gaan zeggen dat een bezoek aan de boerderij van de vrouwen zonder Anton niet meer als waard is. Want ik weet inmiddels wel dat je in de mood moet zijn, en dat waren wij niet. We hadden onze hele dag erop ingesteld, en dat is al fout. Net als in een lange rij voor een museum staan, dan kan je er donder op zeggen dat het tenminste minder impact zou hebben dan als u vrolijk naar binnen wandelt, prachtige kunst ziet, terwijl u eigenlijk boodschappen had moeten doen.

Auw mijn wijsneus prikt………….

 

* het is nu gebleken dat de werken van Anton niet duurder zijn geworden, maar nog steeds betaalbaar zijn.

 January 24, 2013  Posted by at 13:45 Pieters Proza No Responses »
Jan 232013
 

Title: Praag | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Door gezang werd ik uit mijn slaap gewekt. Toen ik een oog kon openen zag ik een geheel kinderkoor naast mijn bed staan. Dit is toch de meest bijzondere wekker die je, je maar kan indenken. Nog bijzonderder was het geweest als de Bulgaarse meisjes voor mij hadden gezongen. Maar de meisjes stonden met hun rug naar mijn bed toegekeerd. Ze zongen voor James, de Amerikaanse breakdancer die trots op de punt van zijn bed naar zijn jonge fans luisterde. Je zult wel denken wat die lui allemaal in mijn kamer kwamen doen. Zingen dus. Maar niet in mijn slaapkamer, nee dit was een grote slaapzaal. Waar de Nederlandse delegatie van een internationale culturele uitwisseling verbleef. Dit was mijn tweede dag in Praag.

De avond ervoor was het laat geworden, ons breakdance team had op getreden, onze Surinaamse zangeres en onze Kaapverdiaanse Bubbling danseressen. Vanavond zou het mijn beurt worden. Laat ik eerst vertellen hoe ik in dit rare verhaal was belandt.

In de wijk Delfshaven waar ik woonde mocht ik de muur van het jeugdcentrum beschilderen. Leuk zou je denken, nee dus een ramp. Iedere bezoeker van het jeugd centrum kraakte mijn schildering af, zelfs mijn beste vrienden. Gelukkig was Hans de jongerenwerker wel enthousiast. ( zie het stukje Action painting ) Hij beloofde me dus de reis naar Praag. Te gek dacht ik, tot ik dus in Praag aankwam en niet wist wat ik er eigenlijk moest doen. Mijn dagen vulde ik met tekenen, werkeloos zijn en mijn vriendinnetje neuken. Niet echt bijzonder eigenlijk. Het had misschien een optie geweest als mijn vriendinnetje mee was gegaan en we in het prachtige theater tussen de Bulgaarse kinderkoren, breakdansers en weet ik veel wat allemaal meer op het eikenhouten podium hadden liggen vrijen, maar ze mocht niet mee. En om nou voor een gevulde zaal te gaan zitten tekenen was ook een afgang. Daar lag ik dus in mijn bed met het koor naast me over te piekeren. Terwijl James adressen van de meisjes in ontvangst nam, ging ik maar douchen. Harold onze begeleider in Praag vertelde dat ik met James het busje moest schoonmaken, omdat we die middag een bezoek zouden brengen aan het centrum van Praag. Het zou allemaal niet zo ongelofelijk vervelend zijn geweest, als het niet vroor. Onze handen lagen er zowat af, ik hoop dat Harold zijn penis tenminste voor Een nacht niet omhoog zal krijgen bij zijn geliefde.Verder was hij een fijne gozer hoor die Harold, mocht hem graag maar toen even helemaal niet.

De bus was weer schoon, en James en ik zaten met opgezwollen vingers in het druk kletsende gezelschap richting Praag centrum, waar ooit groot schrijver Franz Kafka tal van prachtige boeken schreef zonder de stad ooit te noemen, dan moet ik dat maar doen. We waren nog geen vijf minuten aan het wandelen toen ik een mooie etalage bekeek. Toen ik uitgekeken was merkte ik dat de groep verdwenen was. Geen paniek dacht ik nog, en rende een flink blokje om, op dezelfde plaats weer aangekomen hield ik twee agenten aan, en vroeg in zei in het Engels dat ik bij een groep uit Nederland hoorde, en dat ik die kwijt was. Ze verstonden mij niet zeiden ze in het Duits, en zeiden dat ik maar moest wachten, dan zouden ze wel terug komen. Dit deed ik een uurtje starend naar de oude gebouwen die nog onder het kolen roet zaten. Maar toen ging ik ze toch maar zoeken, verkleumd van de gure kou. Nergens kon ik ze vinden, en ik begon wat angstig te worden, ik stapte op de Metro die vol zat met alleen maar chagrijnig kijkende mensen. Misschien lag dit aan de Russische muts met communistisch embleem die vrolijk op mijn onwetende hoofd stond. Die mensen waren nog niet zo lang geleden namelijk bevrijd van de Russische bezetters. (zie foto) Maar ik had die muts toch echt van een Tsjech gekocht, wat verder ook niks zegt. Na een tijdje stapte ik uit, helemaal niet wetende waar ik uitstapte, overal stonden saaie flats, die mij deprimeerde net als de kou. Opeens leek het alsof mijn naam omgeroepen werd door de luidsprekers, iedereen zou erop afgaan, ik niet hoor, nee ik dacht dat ik begon te hallucineren en stapte geschrokken de Metro weer in terug richting het Centrum van Praag. Daar liep ik tot het donker begon te worden, net toen ik beelden van mijzelf als Praagse zwerver begon te zien, zag ik een bolle agent. Ik hield hem aan en ging paniekerig tegen de man praten. Hij maakte een gebaar, wat erop duidde dat hij dacht dat ik teveel gedronken had. Niet zo raar, want ik sprak niet alleen paniekerig tegen hem, in mijn verstrooidheid sprak ik ook Spaans tegen de diender. Toch was hij de rotste niet, en wenkte me met hem mee te lopen. We liepen langs gebouwen met een rijk verleden, hij vertelde er trots over in het Tsjechisch, ik vroeg maar niet of hij dronken was. We kwamen aan op een heel oud bureau, waar hij over me met een andere agent stond te babbelen. Die lachte en bood mij thee aan. Hij zei dat mijn vrienden me weldra kwamen ophalen in het Engels, gelukkig. Harold was blij me weer te zien, al had ik hem een rot dag bezorgt, dan had hij mijn dag nog niet meegemaakt. Die avond gingen we stappen.

In een discotheek die meer leek op een oude balzaal ging ik helemaal los met James op de dansvloer. Opeens duwde een gast met een gezicht wat het meest op een borst deed denken, mij ruw in de rug. Ik ramde er zonder iets te vragen op los, dit bleek de begeleider van de Belgische culturele delegatie te zijn. Harold en James haalde mij van de man af.Hij zei dat ik zijn knip probeerde te stelen, waarop ik kans zag te antwoorden met een trap in zijn maag. Harold had het niet meer, en duwde mij op een stoel. Ik baalde flink, en had het al flink gehad in Praag. De Belg kwam op mij af, en zei dat hij zich vergist had, en hij bood me een biertje aan. Ik zei dat ik dat niet lusten en dat het verder wel okay was. Even later kwam er een dame naast mij zitten, ze was denk drie keer zo oud als ik en heel slecht opgedroogd na haar geboorte. Ik negeerde haar zwoele blikken. Maar na een tijdje vroeg ik haar ten dans. Dat had ik dus niet moeten doen, ze begon heftig tegen mij aan te rijen op muziek van de Guys en Dolls. Ik duwde haar van me af, en liep aar het toilet. Ik stond lekker te wateren, toen ik een hand die niet van mij was mijn geslachtsdeel zag pakken. Ik slaakte een gil, en duwde mevrouw wil wel, ruw tegen de plavuizen aan. Ze begon te krijsen, dus kwamen er weer mensen op mij af, ik had het helemaal gehad. Gelukkig had Harold het allemaal wel gezien, op de WC scène na dan, gelukkig en hij redde ons eruit.

Toen we weer in ons appartement aankwamen, vroeg iemand van de organisatie waar ik die avond was gebleven als tekenaar. Harold handelde dit verder af, en de volgende dag moest ik dus mijn ding gaan doen. De zaal zat vol mensen uit allerlei landen, na een concert van een groot orkest uit Sofia Bulgarije, werd mijn naam omgeroepen. Onder het geklap liep ik naar het podium. Het had zoveel makkelijker geweest als ik wist was ik daar ging doen. Een vrolijke dame, vroeg dan ook wat ik ging tekenen. Mezelf aan een touw bungelend dacht ik diep bedroefd. Ik kon niks meer zeggen, anders zou ik vast gaan huilen. Weer kwam Harold als de redder in nood, en hij regelde dat ik kinderen van een Zuid Koreaans gezelschap mocht na tekenen. Nou ze waren echt leuk die kinderen dan, mijn tekeningen sloegen echt kant nog wal, maar kind na kind liep er juichend mee weg. Na drie uurtjes was ik zo dacht ik er wel klaar mee, maar nee ik moest met weer een andere dame naar een kleuterschool om Tsjechische peuters na te tekenen. In een klein klasje werd ik achter het bureau van de blonde juf neergezet. Terwijl ik begon te tekenen liep zij de klas uit. Ik was verdiept in het tekenen en hoorde van alles om mij heen vallen en janken. Toen er geen peuter meer voor mij kwam zitten, ging ik staan en keek om mij heen, ze hadden het lokaal totaal vernield. Sommige van de portretten lagen in proppen op de grond. Kasten omgegooid weet ik veel wat ze allemaal niet hadden uitgevreten. Ik liep de klas uit de blonde jus liep in de gang terug naar haar rampjes, ik groette haar. Achter mij hoorde ik gillen, de juf ging uit haar naad.

Ik werd netjes terug gebracht en had mijn ding gedaan in Praag, ik wilde maar één ding, terug naar Rotterdam.

 January 23, 2013  Posted by at 17:47 Pieters Proza Tagged with:  No Responses »
Jan 232013
 

Title: Action painting | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Mijn eerste ervaring met muurschilderen stamt uit mijn pubertijd. Toen reden er al fietsen, zelfs autoś waren een algemeen goed, en andere straat en beeld bepalers van toen zijn er nu helaas nog steeds. Ik tekende mezelf op een schaal van één op één met krijt op mijn muur, zodat er nauwelijks nog over heen te schilderen viel, dan wel te behangen. Misschien zijn door die actie de huizen uiteindelijk gesloopt, wie zal het zeggen, wie zal het weten, lekker belangrijk. Ik was zwaar tevreden met mijn even beeld, in mijn enthousiasme, stormde ik de trap af naar al mijn ouders, twee als ik het goed heb. Ik was even vergeten dat ik niet had gevraagd op de muur te tekenen aan mijn ouders. Mijn vader begon nog met zijn kunst kritiek voor hij mijn schepping had mogen aanschouwen, mijn moeder moeder stortte pas ten gronde toen ze mijn werk zag. Je moet het er maar mee doen, je kunt je ouders niet uitzoeken, was dat maar waar.

Op naar de tweede ervaring, 1991. Ik stond in de wijk Delfshaven een beetje bekend als striptekenaar, overal zou je daar trots op zijn, en mee kunnen pronken, maar in Delfshaven was je dan een flikker die niet van voetbal hield. Ik hield wel van voetbal, maar had geen zin mij hier tegen te verzetten. Ik ben gek op het werk van de Amerikaanse kunstenaar Keith Haring, die overigens wel een flikker was, of hij van voetbal hield heb ik in geen van zijn biografie of dagboeken terug kunnen vinden, het zal waarschijnlijk dus niet het geval zijn, en bovendien is in Noord Amerika voetbal voor meisjes. Op onze Jeugdsoos vroeg Jan Walters, de jongerenwerker in die tijd, of ik een muurschildering wilde ontwerpen voor boven de ingang van de Helling. Nog voor hij zich had omgedraaid, om koffie te zetten was mijn ontwerp bij wijze van schrijven al af. Drie breakdansers, afgeleid van mijn held Keith Haring, maar dan wel een heel beroerde versie, die hij gelukkig niet meer heeft gezien, doordat de goede man in hetzelfde jaar als mijn grote doorbraak (wacht ik nog dagelijks op) aan AIDS overleed. Hans vond het ontwerp wel aardig, en de volgende dag ging ik naar De Kroon verfhandel, waar het altijd zo heerlijk rook, verf en kwasten kopen.

Weer een dag later begon ik met mijn schildering. Probleem 1 ik had nog nooit geschilderd, probleem 2 het waren over elkaar liggende latten hout die mijn breakdansers tot spasmen zouden doen veranderen, en probleem drie, het jeugdcentrum was gewoon open, en tussen de blowende mede jongeren moest ik mijn ding doen. Voortdurend werd mijn werk afgezeken, en helemaal onterecht was dit niet, maar beter werd het er ook niet van. Bij breakdancer twee gooide ik verf over een zeikerd heen, en brak er een vechtpartij los. Zo is het bij twee figuren gebleven. Hans moet medelijden met mij hebben gehad, want ik kon door hem mee met een jongeren uitwisseling naar Praag (zie stukje Praag), waar dien ten gevolge ik mijn vrouw Xandra door ontmoette.

Het duurde jaren voor ik mij weer liet verleiden tot een muurschildering. Dit was in 1996 toen ik eigenlijk alleen bezig was met het vervaardigen van Smeltkunst, melt art. Een goede vriendin Erik de Paal vroeg mij om mee te doen aan een live painting bij een groot jaarlijks terug kerend popfestival in het Beatrixpark te Schiedem (was het laatste jaar nog lang voor de Crisis). Kunstenaar Boris van Berkum hielp mij aan etalage benen, om te smelten. De beste graffiti spuiters van Rotterdam waren al druk bezig toen ik met Boris bij de muur verscheen, met de armen en benen in mijn armen. Het zag er eigenlijk al geweldig uit, Boris ging meteen los, terwijl ik daar wezenloos van emoties stond met de ontlede etalage poppen. Ik probeerde er vanaf te komen, door te zeggen dat mijn werk het geheel zouden ontkrachten, dit loog ik niet trouwens. Maar mijn goede vriendin Erik maande mij mee te gaan om de benen en armen te gaan smelten.

Tussen wat stekkerdozen zette hij mij en mijn verfbrandertje neer, en liep weer druk doende weg. Ik zette de brander aan. Het zat niet mee, de benen en armen waren keihard en wilde niet smelten, de stekkerdoos daarentegen wel, in een enorme zwarte rook sloeg de stroom met een knal uit. Niet alleen bij mij, maar in half Schiedam. Het Punkbandje I against I, had geen stroom meer, dan wel de nodige fantasie om akoestisch verder te spelen. Een groot met lucht opgepompt blikje cola zakte in elkaar over het publiek, en al snel stond ik tussen allerlei horeca werknemers, die woest op mij scholden, één frietboer raakte mij zelfs aan, begrijpelijk, maar weer ging het uit de hand lopen. Mijn goede vriendin Erik sprong ertussen. Ik besloot naar huis te gaan.

In 1999 heb ik ten tijden van de groepstentoonstelling in het Stedenlijkmuseum van Schiedam dan eindelijk de grote muurschildring gemaakt die ik altijd heb willen maken, wel afgeschermd van andere kunstenaars, en in 2001 beschilderde ik het rolluik van het Artotheek te Schiedam, wel afgeschermd door hekken. Dus u begrijpt ik ben niet bepaald een kunstenaar die top presteert met publiek om zich heen, en het besef dat er geen reet aan is om mij tergend langzaam lijntjes te zien zetten maakt het er voor mij nog veel minder interessant op, mij publiekelijk uitsteloven, en bij iedere ervaring ringelen de belletjes uit het verleden in mijn hoofd. En drank of drugs om mij hier van af te zetten heb ik geen zin in, laat ik dit verhaal dus afsluiten met de legendarische Roy Orbisson (hield niet van voetbal en was ook geen flikker), ¨Only the lonely¨…..

 January 23, 2013  Posted by at 14:08 Pieters Proza No Responses »
Jan 222013
 

Title: Held | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Net toen men er in deze Wereld uit was, “helden zijn allemaal de pijp uit, of de grond in”, dook er een kerel op. Op zijn fiets van het merk, “Scrotumbeurs” rijd de man met gebogen rug tegen de Hollandse wind in, met zijn snotterige neus snijd hij door de wind, een stevige neus, de wind had geen kans deze massieve neus te ontwijken. Een zwarte jeans omsluit zijn benen, Zijn jas is van het zelfde zwart als de jeans, eigenlijk ziet de man er goed uit, zo in het zelfde zwart als van zijn jeans en jas. Ondanks zijn knieen bijna afbreken, door de weerstand die hij moet leveren tegen de wind, zingt hij een liedje, vergezeld van een glimlach achter zijn bril. Hij zingt, “ik heb een tuintje in mijn hart”, van onze Jan Smit en hun Damaru. Voor wie hij het tuintje in zijn hart heeft, is niet helemaal duidelijk, onduidelijk eigenlijk. Hij stopt even met zingen, om met zijn linkerarm een zwaai beweging voort te brengen, vergezeld met de legendarische woorden, ” Hey Piet”, de groet is voor een kerel die zijn hondje uitlaat in het Hagendoornpark te Schiedam. De kerel, “Piet”, zwaait terug, en zegt, Zet hem op Peet, ze schelen blijkbaar maar één letter. Piet de man met de hond die hij Elvis heeft genoemd, en uit Mallaga afkomstig is, was op het moment dat de goed geklede Peet hem passeerde aan het nadenken. Over de stelling,”mensen gaan steeds meer op hun hond lijken”. Een achterlijke stelling, heel onbelangrijk ook, volgens Piet. Hij lijkt helemaal niet op Elvis, en het zit er al helemaal niet aan te komen. Mocht hij wensen, dat hij van die prachtige licht bruine ogen in zijn schedel had als de nu heerlijk scheitende Elvis, dan zou hij de al het levende op de Wereld van zich af moeten slaan. En zijn hond is veel kleiner, heeft ondanks de huidziekte die Piet rijk is, veel meer vlekjes, en veel mooiere ook. En Elvis heeft ongeveer vijfentwintig uur per dag een erectie van niet geringe omvang, en dat kan van Piet niet gezegd worden. Wat moet ik eigenlijk met deze kerel, en zijn gedachtes, snel verder naar Peet.

Die inmiddels al een stuk verder is gefietst. Het tuintje in zijn hart heeft plaatsgemaakt voor, “Like a hurricane” een prachtig liedje van de Canadese muzikant Neil Young. Peet zingt het liedje met heel zijn tuintje, sorry hart. Hij zingt het alsof de hurricane uit zijn tenen komt, en hij een volle zaal met Neil Young fan’s er van moet overtuigen dat Peet eigenlijk Neil is, en de Canadees Peet. Ik nam even de tijd naar Peet te luisteren, heel erg mooi. Peet is een niet erkent zanger, een man met vele talenten, en zingen is er daar zeker één van. Er zijn zoveel talentloze sterren, daar mag er toch best één van doodgeschoten , opgehangen, voor de trein gegooid en lekker ouderwets gevierendeeld worden, om plaats te maken voor dit fietsend kroon juweel. Maar de Wereld is er niet om oprecht te zijn, misschien de Wereld, maar zeker niet wat er op rond dartelt. zo blijkt uit een ruzie tussen een man en een vrouw, van wie hun autos tegen elkaar staan geparkeerd, men noemt dit ook wel een botsing.

Midden op een kruising, de kruissing Hagendoornsingel, Hagendoornweg, Hagendoornlaan en de Hagenndoornstraat. De vrouw schreeuwt dat de man een grote lul is, terwijl haar enorme borsten op het ritme van deze woorden vervaarlijk heen en weer schudden. De man knijpt in zijn edele delen, en zegt dat , je bedoeld, “grote loel heeft, en niet grote loel is”, de man is Murat geboren te Ankara, hij kan nog altijd geen lul zeggen, maar het, kanker hoer wat hij de vrouw toeschreeuwd spreekt hij perfect uit, het is alleen lul waar hij loel van brouwt. Peet fiets langs de kemphanen en roept, zijn “Like a hurricane” onderbrekend”, “lief zijn mensen, lief zijn voor elkaar”. En fietst vrolijk verder, maar hij heeft gelijk, door lief te zijn voor elkander komen wij echt verder. Maar zijn geroep ten spijt, op Murat en Ria Schubbelipjes, heeft het geen effect, ze schelden gewoon door.

Murat werd in zijn jeugd trouwens ontmaagd door zijn buurvrouw Truus Vangnet. Een ordinair wijf van toen al in de zestig, ze rookte de ene Caballero sigaret voor de andere, ze zoop koffie bij liters, en met de slaapmutsjes in de vorm van Port begon ze al ver voor het naar bed gaan. Ze werd nog negentig, is gestorven aan een hersenbloeding die vergezeld was van een hartstilstand, wat er eerder optrad is nog steeds niet helemaal duidelijk, maar het was één van de twee. Toen ze nog niet dood was, ontmaagde deze kanjer Murat, toen zij zijn besneden proppenschieter in haar mond had, en haar blond geverfde hoofd netjes op en neer bewoog, als was haar mond haar vagina, ze deed trouwens ook op haar schaamlippen lippenstift, waarom is nog steeds onduidelijk. Maar toen zei dus Murat de hemel in aan het pijpen was, zag Murat kans nog wat natedenken over dat dit dus zoals de kaaskopppen dat zeggen in de Volksmond moest zijn, om vervolgens zijn opknappen staande zak in de volksmond van Truus te legen. Maar genoeg Murat, we gaan verder naar Peet, die al bijna uit ons beeld is gereden. Hij is eindelijk op de plaats van zijn bestemming aan de Hagendoornsteeg. Vrolijk als altijd stalt hij zijn fiets tegen de al eeuwen be-urineerde gevel belt aan. Een oude dame doet de deur open, Peet groet haar uitbundig, en de oude vrouw die wel wat weg heeft van de zangeres zonder stem groet Peet hartelijk. De deur gaat dicht. Peet gaat de oude vrouw wassen en verzorgen, hij is namelijk werkzaam voor de thuiszorg. Peet heeft al heel wat oudjes gewassen in zijn leven, wat trilplassers en druipgrotjes flink onder handen genomen, zonder deze Peet, zo goed gekleed, zou zwart Nazareth beter bekend als Schiedam heel anders geuren, en de oudjes zouden uitsterven, okay dat doen ze nu ook, maar dan veel sneller. U zult denken, daar krijgt Peet toch geld voor, en dat is natuurlijk zo, en heel wat geld, zakken vol, maar hij zou het integenstelling tot ministers bijvoorbeeld net zo lief voor minder geld doen. Hij zegt altijd, nou ja altijd, heel vaak,”Laat de bezuinigen maar komen, laat de oorlog maar beginnen, ik ga gewoon door met wat ik graag doe, oudjes verzorgen”. Ja, lieve mensen zijn werk is zijn leven. Peet is gelijk een kunstenaar die ploetert met zijn verf, Peet doet dat als een plastisch chirurg met rimpels. Peet is een held, maar daar wil de man niks van horen, het is zijn plicht zegt hij altijd, als ik tegen hem zeg dat hij een held is.

Nou dan krijgt hij toch lekker de tering…..

 January 22, 2013  Posted by at 12:41 Pieters Proza No Responses »