Jan 302013
 

Title: Oerwoudgeluiden | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Het journaal is niet meer wat het was in de tijd van Joop van Zijl, Harmen Siezen of de immer geile Fred Emmer. Toen maakte men zelden fouten, en was het zelden of nooit grappig, maar altijd bloed serieus, in ieder geval de berichtgeving. Maar gisteren avond zaten ze er helemaal naast tijdens de wedstrijd FC Den Bosch tegen AZ. Men vernam dat er oerwoudgeluiden werden gemaakt door de supporters van Den Bosch aan het adres van de Amerikaanse voetballer Jozy Altidore. Ik bekeek de supporters nog eens goed, ze waren blank, kwamen agressief over en ze maakte inderdaad Oerwoud geluiden, al zou iedere aap ze hard uitlachen, wat een bar slechtte imitatie.

Ik was in verwarring, en besloot mijn vriend Geert Wilders maar eens te bellen.

Nog voor hij zich voorstelde er überhaupt verbinding tussen mij en mij vriend was, hoorde ik hem al vloeken en tieren. ¨Heb je het gezien Zandvlieg (hij zegt altijd mijn achternaam verkeerd) op het journaal¨. ¨Je bedoeld het incident met de oerwoud geluiden¨, probeerde ik mijn vriend te antwoorden Maar zoals bij bekend luistert Wilders nooit naar de werkelijkheid, hij ging er meteen overheen. ¨Je kon toch zo zien dat die supporters Marokkanen waren, verkleed als Hollanders¨. Zo had ik het nog niet bekeken, voor mij werd het journaal bericht er niet duidelijker door in ieder geval. Geert ging door,¨hoe kunnen dat nu Nederlanders zijn, die werken altijd en zijn al helemaal niet agressief, daar moet je toch eerst voor laten bekeren tot Moslim, dat weet toch iedereen. En dan die spits van AZ, hij lokte het zelf uit. ¨Door te vallen omdat hij werd omgetrapt door de verdediger van Den Bosch¨, vraag ik mij hardop af. ¨Wel nee gekkie¨ zegt Geert met een zachte G, ¨hij had maar niet zwart moeten zijn¨. ¨Maar ik vrees dat zelfs dat niet geholpen had, want die Marokkanen haten alles en iedereen die geen Moslim is, gaat Geert verder.

Zonder te groeten leg ik de hoorn naast de haak (ik blijf trouw aan mijn telefoon uit 1983, die een groen kapje van stof draagt tegen de kou, ook in de zomer). Tot een uur of drie middernacht hoor ik mijn vriend via de hoorn door tetteren. Zo val ik in slaap, vol van schaamte en verdriet.

 January 30, 2013  Posted by at 14:28 Pieters Proza No Responses »
Jan 302013
 

Title: Mijn flamoestuintje | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza De zon schijnt ergens in Zuid Amerika, hij is Nederland weer eens vergeten te voeden met zijn vitamientjes. De gele klootzak. Het is koud in onze tuin, nou ja onze, de tuin is het domein van mijn vrouw. Ik mag er slechts naar staren, maar dat doe ik natuurlijk niet. Althans ik staar wanneer mijn vrouw niet naar mij kijkt, als ze kijkt staar ik snel en onverschillig een deuntje van de Rolling stones fluitend naar de grijze wolken massa boven mijn kop. Voor wie het wil weten ik fluit het nummer, miss you.
Mijn vrouw maakt er een paradijs van, de tuin. Overal komen er vrolijke bloemetjes uit moeder aarde, kruiden en bessenstruiken zijn tevens hard bezig volwassen te worden, prachtig. Maar een design tuin kan ik het helaas niet noemen. Ik wil de tuin niet als een mislukking gaan zien, maar een design prijs zal mijn vrouw niet winnen. Het zal haar een dikke slagersrookworst wezen. Maar mij wel natuurlijk, ik doe graag moeilijk ten bate van deze schrijfsels.

Op internet surf ik naar designers tuinen, van de één moet ik braken, van een ander krijg ik slechts wat flauwe maagkrampen. De meeste doen mij denken aan over verzorgde begraafplaatsen, verweg van wat ik zie als puur en echt. Edoch is het leuk om te zien wat mensen allemaal niet bedenken, helaas bedenken de mensen die hun monstertuintjes aanleggen ze niet zelf. Sommige zijn rechtstreeks uit een folder van een tuincentrum. Anderen zijn hele slechte kopieën van beroemde tuinen. Als er een huis te koop staat en de tuin verwilderd, ja dan worden ze pas echt mooi, als wij er met onze ijverige zweet klauwtjes afblijven.

Het is tijd voor verandering in de wereld die tuin heet, ik ga er één aanleggen in ons Zwarte dennen bos. Met een kruiwagen vol tuin gereedschap vertrek ik, mijn vrouw wijst op haar voorhoofd, ik zeg dat ik haar voorhoofd al gezien had en loop haar zicht uit, uitzicht zeg maar. In het centrum van Nieuwleusen valt een hark van de kruiwagen op de stoep, ik ga door mijn vlotte tempo op de hark staan die dan als in een Suske in Wiske grap omhoog schiet in mijn heilig gelaat. In een kapsalon kom ik later bij met een enorme hoofdpijn. De broodmagere kapper vraagt van achter zijn enorme jaren zeventig bril, model breedbeeld televisie of het een beetje met mij gaat. Ik knik, en vraag waarom de kapper vel over been is. Hij verteld in tranen dat zijn kapsalon niet loopt. Ik kijk het gegrien van de kapper negerend het kapperszaakje rond, oubolligheid ten top. Ik ga staan, en zeg dat ik de goede man ga helpen steenrijk te worden. Hij kijkt mij verwonderd aan, de simpele ziel. Ik stuur hem het bos in, en trek alle posters van de muren, waarop vergeelde modellen hun kapsels van tijdens de Tweede wereld oorlog prijken. Op het internet zoek ik naar eigentijdse modellen, en print die uit. Die hang ik door de zaak heen, ik sloop et bord waarop staat, Kapper Koning van de gevel, en laat een plaatselijke spuitgast er de nieuwe naam van de kapper op spuiten. Het ziet er perfect uit zo. Als de kapper terug komt, grijpt hij naar zijn hart, die het op hetzelfde moment flink tot een eeuwige rust pauze brengt. Dit had ik al verwacht, zo neem je een zaak over, denk ik als ik het nog aangenaam warme lichaam van de kapper een compostbak in prop. Ik kan u zeggen van alle windrichtingen komen er dames, ja ik ben een dameskapper naar Kapsalon de Flamoestuin, voor een eigenzinnig venusheuvel scheerseltje. RTl 9 is zelfs al langs geweest voor een mogelijk programma, ik hou u op de hoogte… en wie weet tot ziens in de Flamoestuin.

 January 30, 2013  Posted by at 12:58 Pieters Proza No Responses »
Jan 292013
 

Title: Het ritme der Reumatiek | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Het geschreeuw van mijn zesjarig zoontje die voor mij uit huppelt, maakt de mensen die nog niet op zijn wakker. Ik kan niet zien hoe de mensen wakker worden, maar ik kan er mij iets bijvoorstellen. Veel mensen zullen mijn zoontje verwensen, dat hij op zijn kin valt, aan wordt gereden of in een sloot verzuipt. Zijn idioot geschreeuw is dan ook verre van wat voor normaal geschreeuw doorgaat. Mijn zoontje is geschift. Niet dat zijn moeder of wie dat dan ook weten, maar ik ben er allang uit, mijn kleine Eppo is zwaar geschift. Onverstaanbaar gebral komt er uit zijn scheve bek, hij kijkt scheel in het niets met zijn blauwe oogjes en hij stinkt altijd naar de stront, hoe goed ik zijn kont ook afveeg. Eerdaags zullen wij wel door zijn school gebeld worden, dat hij niet te handhaven is, maar tot die tijd breng en haal ik mijn geliefd knulletje van school, het is al een troost dat ik dit niet lang meer hoef te doen. Hij zal waarschijnlijk belanden op een speciale school, waar hij vijf dagen per week verblijft, dan kan hij alleen mijn weekend nog verzieken, dat neem ik voor lief. Voor zijn school geef ik hem een kus op zijn voorhoofd, en zeg,”je best doen scheet”, knipoog naar zijn juf, en wens haar in gedachte het beste. Ze grijpt Eppo bij zijn zwaaiende arm, en trekt hem het schoolgebouw in. Ik vraag mij af of Eppo zijn juf van kromme plassers houdt, haal mijn schouders op, en loop mijn weg terug naar huis.

Het is prachtig weer voor de tijd van het jaar, want normaal regent het pijpenstelen in de maand Augustus. Dan hoor ik getik, aan de overkant van de straat loopt een buurman achter zijn goudkleurige rolator. Het getik, het ritme der Reumatiek klinkt mij als prachtige klassieke muziek in de oren, na het daapse geschreeuw van Eppo. De oude wat mollige buurman met zijn door de war zittende haar, zijn strakke jeans, zwarte bordeel sluipers en kleurige Hawai blouse met daaroverheen een spijkerjeans jasje is een aparte verschijning in ons Dorpje, “Lek als de Ijssel”. Ik zie hem nooit met iemand praten, hij woont in een oude boerderij drie huizen verderop. Het is denk ik een Amerikaan, want als hij mij groet ontwaar ik een Amerikaans accent. Opeens wordt ik nieuwsgierig naar deze buurman, en heb helemaal geen zin om naar huis te gaan, waar mijn vrouw met de koffie en het ontbijt op mij zit te wachten. Ze wacht maar tot ze een ons weegt, zo kan wachten een prima vervanger van allerlei diëten zijn.

Ik haal de oude baas in, zorg dat hij mij ziet, voor ik hem groet, ik wil niet dat hij van schrik een hartstilstand krijgt, al vraag ik mij af of iemand ermee zou zitten, of dat men er ooit achter zou komen door mijn nonchalante groet. “Goedemorgen buurman, hoe maakt u het” zeg ik vrolijk en gemaakt. Normaal zeg ik alleen goedemorgen, maar ik wil een gesprek aanknopen, alles van hem weten, misschien heeft hij wel een kromme penis, je weet maar nooit in deze tijd van crisis. De oude baas houd stil, en neemt mij rustig in zich op. “Goodmorning, het gaat perfect maar helaas niet als een trein”. Overdreven moet ik lachen om de opmerking. Even verderop hoor ik een andere buurman schreeuwen dat ik al net zo getikt ben als mijn lijpe klote zoontje. Ik doe natuurlijk alsof ik het niet hoor, die lul pak ik nog wel een keer met zijn vrouw ernaast, zo doen wij dat en niet anders. De man lacht mij inmiddels toe, wat een goed teken is, en het begin van een goed gesprek zou nu op gang kunnen komen. “Het is wat met die Mauro, vind u ook niet buurman”, open ik het gesprek”. Professioneel ontwijk ik de blik van mijn buurman, die niet lijkt te weten wie onze Mauro is, en zet mijn verhaal voort. “De arme jongen wordt behandeld als een beest, wat minder als een beest”. “Ik heb zonder problemen mijn hondje geadopteerd uit een dodenstation te Malaga”, niemand die ermee zit”. Mijn buurman kijkt mij onbegrijpend aan, en herhaald zachtjes met een Amerikaans accent,”Mauro”. Ik heb geen zin om uit te leggen wie Mauro is, dan moet hij maar een televisie kopen, kan hij net als ik wakker liggen van schaamte over het zielloos beleid van de Nederlandse politiek, en vraag hem of hij Amerikaan is. “yes sir, Ik kom van Memphis”., zegt hij vrolijk. Wie kwam daar ook alweer vandaan, ik weet het niet meer. “Wilt u iets bij mij drinken”, vraagt de man dan vriendelijk. “Waarom niet” antwoord ik vriendelijk maar toch onbeschoft, want ik vind, waarom niet ,een aller beroerdste uitdrukking. Zo van, er is echt helemaal niks wat er niet leuker is, maar ik maak toch maar tijd voor u.
Even later zit ik in een grote stoel van rotan in de donkere woonkamer van de buurman zijn boerderij. De buurman is een bak koffie aan het zetten, terwijl ik mij in de grote rotan stoel net Morticia A. Addams voel, de moeder uit de Klassieke Addams family serie voel. Morticia voelde zich zenuwachtig, want dat ben ik ook wel een beetje van alle opwinding op de koffie bij mijn mysterieuze Amerikaanse buurman. Dan komt hij binnen met twee grote mokken dampende pleur.
De buurman neemt plaats op de bank tegenover mij, terwijl wat valse lucht via zijn darmkanaal de Wereld wordt ingeblazen, er is toch genoeg plaats, al geld dit dus niet voor Mauro, klootzakken. “Sorry dude”, zegt de buurman. “Geeft niks buurman, ik kan er zelf ook wat van”, stel ik hem onnodig gerust. Dan schiet de buurman in de lach. “Je lijkt Neé Frumps wel in die rotan stoel”, zegt hij bulderend. “Wie is dat vraag ik”, zo vriendelijk mogelijk met de nodige moeite. “Morticia uit the Addams family”, ik vertel maar niet dat ik me haar ook voel. Er valt een stilte, wat zal ik hem eens gaan vragen, of hij hem nog omhoog krijgt, hij mij hier heen lokte voor ranzige spelletjes, of dat hij graag koffie drinkt met knappe kerels zonder bij bedoelingen. Maar mijn buurman is mij voor, en stelt een vraag,”hou je van Music”. “Absoluut niet, als er iets is wat ze van mij niet hadden hoeven uitvinden, dan is het wel muziek, Tuurlijk buurman hou ik van muziek”, van kut tot heel slecht, van geniaal tot buitenaards,ik ben er gek op”. Mijn buurman kan met mijn uitvoerige antwoord niet uit de weg, en besluit er maar uit op te maken dat ik van muziek hou, en zet een muziekje op. “All shook up”, klinkt het weldra door de enorm overdreven grote boxen, de buurman is klaarblijkelijk nooit over zijn pubertijd heen gekomen stel ik vast, en dat krijg je dan echt nooit meer los. “nu schiet het mij te binnen, als de kogel die schrijver William S. Burroughs zijn vrouw haar hoofd injoeg, het is Elvis Presley die uit Memphis kwam.
“Hou je van Elvis”, vraagt de buurman dan. “Zeker weten buurman, ik ben stapel op Elvis”. Dan gebeurt wat ik niet had zien aankomen, hij doe zijn armen wijd open en zegt,”kom dan maar hier, geef mij maar een hug”. “Sorry buurman, ik ben niet van de achteringang”. Ik altijd, met mijn ad rem antwoorden, nu heb ik de oude baas misschien beledigd, terwijl hij alleen een beetje genegenheid zoekt. Ik kijk naar mijn buurman, die nog steeds et zijn armen open zit. “Je Houdt van Elvis zei je toch, nou geef mij een knuffel”, zegt hij dan, de situatie er niet makkelijker opmakend. “Ik zou niet weten waarom ik u moet knuffelen, als ik van Elvis hou buurman, sorry dat ik zo simpel ben, maar ik bergrijp er geen reet van”. Dan gaat mijn buurman met krakende knieën op zijn dunne beentje staan, en zegt “Iám the King”, en jij bent de enige die dat mag weten”. Nu zie ik het, de dikke onderling en de lap wangen, het is Elvis die hier voor mij staat. Ik spring op en vlieg mijn buurman in de armen, wat een prachtige dag. De knuffel lijkt uren te duren, ik in de armen waar voor mij zoveel vrouwen hebben gelegen, of zouden dat praatjes zijn. Het zal mij mijn witte billetjes roesten, ik sta hier gewoon met Elvis te knuffelen.
Met moeite maak ik mij los, het had tot mijn sterfbed mogen duren, maar dat is zo hebberig. “Maakt u nog muziek, vraag ik dan”. “Nee vriend, als ik muziek maak word het zoals je weet een hit, en dan weet iedereen dat het een pop is die daar onder de groene zoden op Graceland ligt”. “Ik heb met niemand meer contact, nooit meer gewild, maar toen ik jou zag, brak mijn oude hart, en had ik de drang het te vertellen. Ik neem een slok van de inmiddels oude koffie. Ik zou hier een slaatje uit kunnen slaan, stinkend rijk worden, weg van mijn vrouw, nog verder weg van Eppo, maar iets zit mij tegen, ik heb namelijk een goed hart, veel beter dan dat van Holleeder. Ik wil dit bijzondere moment dus niet te grabbel gooien aan ordinair geld, laat ik daar nu eens een uitzondering op zijn. De oude baas zal toch niet echt lang onder ons meer zijn, dan kan ik het na zijn dood naar buiten brengen, word ik toch nog rijk, even geduld hebben, dan is mijn leven tot die tijd hier op het dorp ook wat minder saai, iedere dag op de koffie bij de King, wie kan dat zeggen, misschien zeggen, maar ik kan het ook nog doen. Dan word ik misselijk, alles word wazig. “Ik heb je vergiftigd buurman, er zat troep in je koffie, sorry man, maar ik kon niet anders, je zou op zeker je mond voorbij praten”, hoor ik Elvis zeggen, alsof hij heel ver weg is. Waarom moest die lamlul het zo nodig aan mij vertellen, nu ben ik stervende. Ik kruip naar de King toe, heel langzaam, met alle kracht die ik nog heb ga ik op mijn benen staan, en zeg, “knuffel mij”. Elvis sluit zijn armen om mijn trillende lichaam heen.

Ik kots over hem heen, maar we houden elkaar stevig vast. De knuffel duurt niet lang, langzaam sterf ik in de armen van mijn grote held, die al jaren vlak naast mij woonde…..

 January 29, 2013  Posted by at 13:58 Pieters Proza No Responses »
Jan 282013
 

Title: Haar op je lippen (gedicht) | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Haar op je lippen

Zit niet te flippen
Je bent toch heel mooi
Met haar op je lippen
Dat vind ik kicken
Daar hou ik van
Haar op je lippen
Finter dun, glanzend in de zon
Laat het maar zitten
Dat haar op je lippen
Het scheermes het raam uit
Wat ben ik blij met dat haar op je lippen
Je maakt mij helemaal gek met dat haar op je lippen
Ik dans door de kamer
Van de breedbek tv naar de fruitmixer
Wat is mijn leven toch mooi
één en al schoonheid door dat haar op je lippen
Het lijkt wel trippen
Kom in mijn armen
Laat ons samen genieten van dat haar op je lippen
Ik laat je nooit meer los
Jij en dat haar op je lippen zijn mooi de klos
Gevangen in mijn bloedorstige liefde
Ooooooow dat haar op je lippen

 January 28, 2013  Posted by at 19:59 Pieters Proza No Responses »
Jan 282013
 

Title: Paalschuren | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Het zal best wel eens gebeurt zijn, dat ik met een paal in mijn broek in natte dromenland naar een mooi meisje heb staan staren.
Helaas kan ik dit niet hard maken, omdat ik me dit simpelweg niet herinner.
Maar tegen een paal aan staan te kruis schuren, het zogenaamde “paaldansen”, dat heb ik nooit gedaan.
En als ik het zou doen, is het om dit fenomeen eens flink proberen belachelijk te maken.
Aan het einde van mijn act moet dan toch minstens de zaal kotsend en walgend naar de onder de stront zittende de paal staren, waar ik even daarvoor lekker mijn bilnaad heb langs staan schuren.
Het zal er zeker niet inzitten dat ik deze act werkelijk ga doen, en het juiste publiek zal mij niet laten dansen, die nemen dan een ordinaire snol, of een zonnebank gebruinde kleerkast.
Laten we even wel wezen, ik ben niet jaloers hoor, tieft nou gouw op!
Naar mijn idee is de bedoeling van het kijken naar de kruis schuurders dat je er geil van wordt, je moet je dan gaan indenken dat de ijzeren paal, jouw pik is.
Dit lukt mij van geen kanten, het indenken niet, en het geil worden al helemaal niet.
En dan zal dat voor dames toch helemaal moeilijk worden, die moeten zich ook nog eens gaan indenken dat ze een pik hebben.
Wat veel dames blijkt te lukken, want ik zag er op televisie al heel wat gillend en even zo vernederend grijpen naar een gespierde geblondeerde trol paal schuurder.
Nou ik vind het niks, eerlijkheid halve draai ik mijn kop niet om voor porno, okay daar word ik ook niet geil van zonder aan mij zelf te zitten, maar dat zou niet eens helpen bij dat paalschuur gemuts, ik zou het geweldig vinden als ik de paal onder 220 volt zou zetten, en het effect op de desbetreffende paalschuurder lijkt mij dan erg boeiend.
Nee weet je wat erotisch is als een vrouw volledig aangekleed danst op zigeuner muziek, zoals in de Franse film,”Gadjo dilo” te zien is.
Dat is verdomme pure schoonheid.
Maar schoonheid en goeie muziek spelen bij geilheid natuurlijk veelal geen rol.
Geilheid is dierlijk, en zeker paal schuren, kijk maar naar beesten met vlooien die schuren ook met hun lichaam langs van alles en nog niks.
Stel je toch eens voor, je bent net als ik een beetje ziek in je hoofd, en je presteert het verliefd te worden op een paalschuur figuur.
Komt hij/zij voor het eerst bij jou eten, heb je in plaats van kaarsen een paal op de eet tafel gezet, een levens grote Goudse kaars zou ook kunnen natuurlijk.

Prachtig vond ik hoe Kim Holland in de film Vet Hard een paar klappen op haar gelaat kreeg, toen ze zwoel stond te paal schuren.
Niet om dat het Kim Holland is, want daar heb ik geen hekel aan.
Maar omdat Jack Wouterse in Vet Hard precies deed wat ik ook graag met paal schuurders zou willen doen.
Het publiek is natuurlijk altijd de schuldige, die maken het mogelijk dat de paal schuurders werk hebben, want ik kan me niet indenken dat je voor televisie naar Netwerk zit te kijken, de televisie uit doet, en denkt ja ik ga even mooi voor mezelf tegen de krab paal van de poes aan ga staan schuren.
Dus ben ik bang dat ik het publiek ook maar moet afschieten…..
Nee laat ze ook maar, ieder zijn meug.

PS Paalzitten vind ik ook niks hoor!

 January 28, 2013  Posted by at 12:16 Pieters Proza No Responses »
Jan 272013
 

Title: Twee stukjes die ik opdraag aan Hans van Heelsbergen, beter bekend als Hans Textiel | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Hans Textiel

Ik wil absoluut niet weer met dat ik ergens liep met mijn hondjes beginnen.
Maar ik liep er dus wel mee, het verschil maakt dat nu niet mijn vrouw er bij liep maar mijn stiefzoon Itam.
Lekker belangrijk allemaal zult u hoogst waarschijnlijk denken terwijl u nog wat neus inhoud de vergetelheid in piekt.
Voor mij is het wel belangrijk, wat blijkt aan mijn stukjes waar mijn honden maar al te vaak in voorkomen.
Het lijkt wel of ik niks zonder die twee poep doosjes kan beleven.
Een saaie iedere keer dezelfde intro van een tekenfilm voor kinderen tot drie jaar.
Ja daar gaan deze stukjes wel erg op lijken.
Nou ja, dan doen ze in ieder geval nog wat, mijn stukjes.

Nou ik ben er dus niet mee begonnen, ik liep met mijn hondjes en Itam over de Groenenlaan toen ik Hans Textiel inkeek, op zich blijkt dit al een vorm van een saaie wandeling te zijn, anders kijk je Hans Textiel niet binnen.
En dan bedoel ik natuurlijk een winkel van Hans, niet zijn darmgestel.
Heel de Gorzen (wijk die ik bewoon) stond in de rij voor de kassa.
Ik zei stoer tegen Itam, daar ga ik niet tussenstaan.
Deze veel te vaak uitgesproken zin was nog niet gestorven, of ik gaf Itam de hondjes en waagde als een sporter die van levens gevaarlijke acties houd, de sprong Hans Textiel in.
Het was er zo druk omdat, Hans die er zelf overigens niet was, Vijfentwintig procent korting gaf.
Dit omdat Hans van Heelsbergen oud profvoetballer en oud voorzitter van mijn club Sparta, zestig jaar is geworden.
Bij deze gefeliciteerd Hans, je moet wel een hele toffe kerel wezen, daar ben ik heilig van overtuigd.
Ik zocht een mooie jas uit van Hans zijn eigen merk”Heren scene”.
Beetje vaag, maar dat is het sowieso als je Hand Textiel met je volle verstand in loopt.
Hoewel daarbij moet gezegd worden, is het wel zo slim om een trui van een merk te kopen, waar dan heel groot de naam van het merk opstaat, je loopt dan dus reclame en betaald er nog dik voor ook.
Nou dan ben je wel een hele erge klootzak, je bent dit leven dan gewoon niet waard.
Ik heb diverse van die truien in mijn kast hangen.
Ik kocht ook nog een broek waar ik op mijn vrouw’s aanraden er al twee van gescoord had.
Bijna nog net niet huppelend liep ik op de gigantische rij verlept vlees af.
Ik sloot aan bij de kinderlingerie.
Meteen brak het zweet me uit.
Ik mocht me absoluut niet verdacht maken, voor zover ik dit al niet was door hier te staan.
Niet naar de onderbroekjes kijken Pieter, spookte het door mijn zielige hersens.
En hup ik keek de andere kant uit, recht in het bleke gelaat van een meisje van weet ik veel hoe oud.
Dat kan ik op mijn leeftijd niet meer zien.
Niet vanwege mijn ogen of misschien ook wel niet eens vanwege mijn leeftijd, ik kan het gewoon niet zien.
Ze was puber, dat moest haast wel.
Maar dat kon ik niet zien omdat ik inmiddels al heftig naar het plafond keek, om me niet verdacht te maken.
Had ik dat maar nooit gedaan, het rund voor me, de moeder van het meisje liet iets vallen en bukte, heel hard botste ze tegen mijn zo geliefde edele delen.
Nu liet ik mijn kleren vallen en kromp ineen.
“sorry hoorde ik ergens vandaan komen.
Wat moest ik doen, de Hulk worden?
Nee ik ging recht op staan, en hield nu maar de platte reet voor me goed in de gaten.
De platte reet hoorde bij een vreselijke kop die constant rare draai bewegingen maakte.
Een tik was mijn conclusie.
Daar kon ze net als ik, ook niks aan doen.
Maar aan haar vervelende platte reet had ze wel wat kunnen doen.
Die had ze bij zich moeten houden.
Twee gevaarlijke vrouwen voor me, had een vlees homp het erover dat ze nooit maillot ’s droeg, daar werd ze eng van.
Ik gluurde naar heer enorme batterij, en was het met haar eens.
Ik zou er ook eng van worden als zij een maillot zou aandoen, laat staan dat ze hem dan ook nog zou dragen.
De rij was lang, gelukkig er stond nog een man.
Die man stond zich druk te bewijzen door stoere praat.
Alsof zijn verwoedde pijnlijk zielige pogingen hem nog konden helpen uit deze situatie.
Het was gewoon simpelweg diep triest hier te gaan staan.
Maar oh wat voelde het heerlijk om dat te beseffen.
Ik fantaseerde dat we voor wat eet bonnen in de tweede Wereld oorlog stonden te wachten.
Maar de dikke reten trokken me weer in de werkelijkheid.
Die hadden gewoon misplaatst geweest in de tweede Wereld oorlog.

Een hele tijd later, nog heel wat plat reet bewegingen ontwijkend kwam ik aan bij de kassa.
Als een overwinnaar lag ik mijn buit op de kassa.
Ik groette de dames vriendelijk alsof ik blij was en liep de duisternis in, op weg naar een ander spannend avontuur.

 

Title: Twee stukjes die ik opdraag aan Hans van Heelsbergen, beter bekend als Hans Textiel | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Kut theater

Een idee voor een kunstwerk komt bij mij veelal spontaan, daar wil ik om de houdbaarheidsdatum van het plan niet te lang over nadenken.
Met mijn manier van werken komt dit het geschiktst uit.
Er woonde ooit een kunstenaar in Parijs die zei,”als ik een idee in mijn hoofd heb hoef ik het niet meer te maken, dan is het er al”, zo ongeveer kan ik me daar wel in vinden.
Misschien kent u deze kunstenaar toevallig, zou kunnen maar er woonden natuurlijk duizenden kunstenaars in de Franse lichtstad, zijn naam was Pablo Picasso.
Maar goed ik ga u niet om de oren slaan met nog meer vergelijkingen tussen mij en de Spanjaard, kon ik dat maar.

Het komt soms voor dat ik een idee voor een werk of object het dat blijft hangen, ik heb dan al heel vaak overwogen het te maken, maar steeds besloot ik het niet te doen.
Zo ook het volgende idee van een dames slip waar ik een vierkant gat in wilde knippen met daarvoor een gordijntje, een kut theatertje zeg maar.
Het zou er luxe uit moeten zien met zelfs een minuscuul staafje waar het gordijntje dan aan bevestigd moest worden.
Het idee spookte al drie jaar door mijn hersens.
Maar deze week kwam het weer omhoog, en ik besloot het te gaan maken.
Ik vertelde erover aan mijn vrouw, die het wel grappig vond, maar ze wilde weten hoe ik het ging noemen,”ode aan de vrouw”, riep ik trots, maar haar verbaasde gezicht deed mij diep, heel diep nadenken over deze naam.
Het is wel erg familiair om alle dames doosjes te gaan vereren, ik heb ze gelukkig niet allemaal gezien.
Ik herstelde mijn naam en zei wat minder trots nu,”Ode aan Xandra”, ook dit was haar iets te machtig.
Waarom noem je het niet gewoon,”ODE”, nou dat vond ik dus een drollerig idee.
Ik besloot het zonder titel te noemen.
Gezamenlijk naar nog veel te lang door bomen over het kut theater besloten we naar de bouwmarkt te gaan, maar eerst natuurlijk naar Hans Textiel, kijken of hij nog wat mooie slipjes in zijn collectie had.
Nou die had hij dus niet, maar ik wilde perse een slip van Hans en anders niks.
We stonden interessant met in Xandra’s handen een slip omhoog te houden, verder niet om ons heen kijkend naar de andere klanten van Hans.

Opeens drong er iets tot mij door.
Xandra, zei ik als Bogart in Cassablanca, leg maar neer die slip.
Waarom zei ze verbaasd.
Het zat namelijk zo dat het gordijntje dus meer naar beneden zou moeten als ik hem precies voor de vrouwelijke in en uitgang zou willen hebben.
En dan zie je dat hele theater niet.
En op de plaats die ik in mijn domme kop had zou je hooguit een stukje venus heuvel zien, en daar gaan mensen tegenwoordig echt niet meer voor naar het theater hoor.
Xandra lag schouder ophalend het slipje bij zijn walgelijke soort genoten en ging opzoek naar leuke aanbiedingen van Hans.
Had ik dat hele gedoe nou maar drie jaar geleden allemaal bedacht, zat dat daar verdorie drie jaar voor niks in mijn kop te rotten.
Ik verliet Hans mijn vrouw achterlatend, stak buiten geen sigaret op en liep langzaam het beeld uit…….

 January 27, 2013  Posted by at 14:39 Pieters Proza No Responses »
Jan 262013
 

Title: Twee verhalen over de bajesboten uit 2005 | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Dromen bij de bajesboten


Nog geen 500 meter van mijn huis vandaan liggen op de Gustoweg de Bajesboten.
Weer een nieuw woord voor in de Dikke van Dale (of Dale een Dikke heeft laten we even in het midden).
Erg nieuws gierig geworden reed ik naar deze trek pleister.
Ik heb immers de debiele gewoonte om naar bijzondere boten te gaan kijken die onze haven aandoen.
En als ik dan voor zo’n Cruiseschip sta, merk ik altijd dat ik niet de enige debiel ben.
Bij de Bajesboten aan gekomen omringd door een hek merk ik dat ik daar wel de enige debiel ben.
Als witte schoenen dozen met allemaal vierkante raampjes liggen ze daar, daar waar ooit hijskramen grote boten van oud ijzer voorzagen.
Op de eerste dag was er al een illegaal (een illegaal is een benaming voor een menselijke soort genoot die hier alles behalve gewenst is) ontsnapt.
Mijn held dook in het water en ontsnapte via de kade.
Ik hoop dat ze deze negentien jarige jongeman nooit zullen pakken.

Vroeger had men in Rotterdam al eens het idee om prostituees op sex boten te plaatsen.
Vlakbij mijn ouderlijk huis in Delfshaven.
Mijn moeder vond het verschrikkelijk (ze hoefde er niet eens te werken hoor).
Ik was twaalf en heb er ook nachten van wakker gelegen.
Maar om geheel andere redenen als mijn moeder en al haar soort genoten.
Nee ik was opgewonden, kreeg in die tijd al een erectie van het woord sex boot.
Dat moest in mijn ogen de Hemel zijn, allemaal vrouwen die alleen maar willen vrijen.
Ja inderdaad ik was wat naief bij nader inzien.

Bij de Bajesboten kreeg ik ook gedachte spinsels, al waren die nu minder Hemel’s.
Ik vroeg me af hoe groot de cellen waren.
Wie er verbleven, collega kunstenaars waar ik vast hele leuke gesprekken mee kon voeren, waanzinnige muziekanten, professoren, mooie mensen noem het maar op.
Er moet daar op die mens onterende klote boten toch heel veel toffe mensen zitten.
Die nu misschien en bijna zeker doods angsten ondergaan.
Want ze wachten immers tot ze terug naar hun land moeten waar ze misschien gedood worden of weet ik veel wat voor vreselijks ze te wachten staat.
Bij zo’n conclusie voel je jezelf machteloos hoor.
Het is een naar idee om te weten dat al dat leed zo dicht bij mijn huis plaats vindt.
Voor die mensen maakt het natuurlijk niet uit of die boten in Schiedam of Harlingen liggen.
Het blijft even klote.
Behoorlijk aangeslagen door mijn eigen hersenspinsels rij ik verslagen naar huis.

Title: Twee verhalen over de bajesboten uit 2005 | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Escape from de Bajesboot

Een kus vol wel gemeende liefde belande op de lippen van mijn vrouw, toen ik afscheid van haar nam, niet voorgoed, ik had haar alleen naar haar werk gebracht.
Vrolijk reed ik weg op mijn scooter, met haar nu lege helm tussen mijn benen richting het bruizende nooit slapende Schiedam.
Keer op keer geniet ik er van als ik dwars door de havens rijd, zo ook deze prachtige flink in de war zijnde herfst dag, ik bedoel de zon scheen en het was zeventien graden zonder een zuchtje wind in mijn bebrilde snoet.
Maar ik werd abrupt uit mijn genieten gerukt, door een magere kerel die voor mijn scooter sprong, ik kneep vol in mijn remmen, om te voorkomen dat die kerel niet verder zou kunnen leven als Zelfmoordenaar.
Nou een bedankje kon er niet af, voor ik het wel en wee wist zat meneer achter op mijn scooter met de helm van mijn vrouw op, te gillen,’’Drive drive”.
Wat ik maar deed, omdat hij ook nog mijn kruis had beed gepakt, en er de eerste meters hard in kneep.
Langzaam drong tot mij door dat de ze man een ontsnapte van de bajesboot was.
Na Schiedam gepasseerd te hebben, nam het knijpen van de ex gedetineerde wat af, en begon ik het zelfs aangenaam te vinden.
Wat ik natuurlijk helemaal niet wilde, en de ex gedetineerde al hellemaal niet, toen hij door kreeg dat hij een ercectie had getoverd, begon hij te gillen,’’Stop stop you gay stop”.

En ik stopte, en wilde hem achter laten in Vlaardingen met de helm van mijn vrouw nog op zijn verwarde kop.
Maar helaas hij had mijn sleutel uit het contact gehaald.
Hij bleef maar schelden, dat ik niet normaal was, dat hem dat weer moest gebeuren, ontsnappen met een verdomde homo.
Wat mij verbaasde was dat hij dit deed in het Nederlands.
Ik besloot in het verweer te gaan, en zei, weet mijn penis veel wie hem beet heeft, dan zou iedere man die zich zelf bevredigd (wat klinkt dat kerkelijk trouwens), een homo zijn omdat hij een stijve van een mannen hand krijgt.
Ik sloeg na deze zin, die mijzelf verbaasde, mijn armen over elkaar, om te doen alsof ik zeker over mijn zaak was.
Hier werd hij even stil van.
Even helaas, want zijn gezicht trok zich van de woedende plooien, in de treurige plooien, en begon hij te jammeren op zijn knieen of ik hem wilde helpen.
Nu was mijn kans, met één rake trap zou ik hem onschadelijk kunnen maken.
Maar als ik zo naar het arme hoopje zielige mens keek, was hij al niet echt schadelijk.
Ik pakte hem bij zijn arm, en reed weldra weer in de richting van het altijd bruizende nooit slapende Schiedam.
Ik voelde hoe het manneke zich achter mij ontspande, doordat hij zijn hoofd met helm om mijn rug neer plantte.
Het moet er erg vreemd uitgezien hebben.
Bij mijn huis aangekomen gingen we snel naar binnen.
Ik gaf hem een hand, en zei mijn naam.
Hij ook, en zijn naam was Memed.
Hij kon dus geen Fries zijn, nee hij was een Iranees, die om onduidelijke redenen naar Nederland was gevlucht, en geen paspoort had.
Memed had een probleem, maar ik legde hem vriendelijk uit dat ik die niet kon oplossen, door hem in mijn huis te laten onderduiken.
Verder vertelde ik maar niet dat ik dan ook strafbaar was, dat zou niet echt stoer klinken.
Hij zei dat hij alleen de tijd nodig had om een plan te bedenken.
In die denktijd kon hij dan voor me koken en het huishouden doen.
Dit klonk wel erg aantrekkelijk.
Ik zei dat ik ook nog een vrouw had, ik moest het daar met haar ook nog over hebben.
Maar die zou het vast niet erg vinden dat ik ex gedetineerde onderbracht, zonder precies te weten wie ik voor mij had.

Hij had grote bruine ogen, en naar het leek een veel te groot gebit voor zijn kleine hoofd.
Ik keek naar mijn honden, die zou hij niet kunnen uitlaten, omdat ze hem dan zouden snappen, wat een min puntje was.
Toen hij mijn schaakbord zag werd hij wild enthousiast, hij wilde meteen een potje spelen.
Het werd een kort potje die hij na vijf zetten won.
Hij zei dat hij de kampioen van zijn dorp was, ik deed alsof ik het niet hoorde, en vroeg of hij thee wilde.
We dronken onze thee, en Memed was een kletskous, of misschien was hij dat wel, omdat hij op die bajesboot weinig kon vertellen.
Aan mij deste meer, over zijn familie, die hij zo miste, zijn beroep leraar, en zijn hobby dansen.
Wat een vrolijke hobby zei ik, en liep meteen naar mijn ongelofelijk geavanceerde stereo toe, en zette een cd op van Ravi Shankar, die geen Iraniër is, maar dat mocht de pret niet drukken.
Memed ging helemaal los, wat kon dat kereltje goed dansen, na een tijdje pakte hij mijn handen en probeerde mij uit mijn stoel te trekken, ik hielp hem maar, anders hadden we in dat moment moeten blijven.
Natuurlijk wilde ik mij niet uit het veld laten slaan, en deed mijn Wereld beroemde imitatie van een zak aardappelen op een rijdende vrachtwagen over een hobbelige weg na.
Hij lag in een deuk, hij was niet de eerste, en zou zeker niet de laatste zijn, hoewel…
Hij leerde mij wat van zijn prachtige elegante bewegingen, ik weet niet of zijn bewegingen zo mooi waren geweest als het geluid naar zijn gehoor niet uit mijn geavanceerde boksen had gekomen.
En de deur ging open, ik schrok, maar Memed nog veel meer, hij dook achter de bank, waar hij heftig zat te trillen, niet bang zijn Memed het is mijn vrouw Xandra, zei ik mijn lach inhoudend.
En zo kwam Xandra binnen gelopen.
Ze schrok ook toen Memed achter de bank vandaan kwam om zich vrolijk voortestellen.
Xandra had wel meer vreemde bezoekers in haar eigen huis ontmoet, maar die kwamen nooit achter de bank vandaan.
Ik vertelde haar het verhaal beknopt wat ik hier boven beschreven heb.
En ze vond mij een held, dat ik Memed had geholpen.
Hij kon zolang blijven als hij wilde.
Dus tja, Memed woont dus alweer drie weken bij ons.
Niet verder vertellen hoor…

 January 26, 2013  Posted by at 20:39 Pieters Proza No Responses »
Jan 262013
 

Title: De Papiergrijper | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza In het vroege ochtendgloren liep ik vrolijk, althans niet chagrijnig in ieder geval, naar mijn fysiotherapeut. Wat is de Gorzen toch mooi zo vroeg in de morgen dacht ik, terwijl ik tevreden als een oud baasje naar de arbeiders huisjes keek. Geen grote gebeurtenissen die de geschiedenis boeken in gingen, maar verder gebeurt er elke minuut wel iets in deze huisjes in de Gorzen van Schiedam. Een bevoorrecht mens ben ik, dat ik hier mag wonen, en dat zonder dat ik het vroeg.

Op de stoep zie ik krijt tekeningen, die ik van jaloezie wat probeer weg te vegen met mijn schoenzolen, nee hoor dat lieg ik, al had ik het graag gedaan, als dat oude mens niet even verder op haar zwart witte stoep schijtertje aan het uit laten was. Op de plaats waar twee jaar geleden ene Joop met twintig messteken om het leven kwam, hebben de kindertjes met krijt RIP neergezet, wat lief denk ik ietwat sneller door wandelend.
Beetje morbide is het wel.

De fysiotherapie gaat klote, maar goed morgen op vakantie naar Barcelona, dus ik moet het nog wel even uithouden die dodelijke schouder en rug pijnen. Op de terug weg zie ik een man met een rond brilletje en een papier grijper in zijn knuist, de naam van de papier grijper eer aan doend, hij grijpt namelijk papier. En mijn God mensen lief, dat doet deze man niet zomaar, een beetje papier grijpen, nee mij valt op dat deze man in dat afzichtelijk felle overal dit papier grijpen met een grote grijns doet, een prachtige grijns, die bij elk papiertje dat hij grijpt groter wordt. Fascinerend gewoon die kerel, ik stop om naar dit tafereel te kijken, hopend dat hij mij opmerkt, en misschien in het uiterste geval mij groet, of misschien geïrriteerd toe roept, “sta je soms naar mijn reet te kijken flikker”, in ieder geval iets, maar nee, de man is verzonken in het schoonhouden van de Gorzen, die dus zo mooi is dankzij deze geheimzinnige papier grijper.

Na een tijdje stopt de grijns met groter worden, omdat de papiertjes op zijn, die hij gretig kan grijpen.Ik voel in mijn zakken of ik nog wat kan vinden om neer te gooien, maar nee, echt helemaal niks. Het mannetje loopt door, met een grijns op zoek naar meer papier, mij achter latend vol respect voor deze grijnzende papier zoeker. Eén ding staat voor mij vast, een papier zoeker als deze, zal ik in Barcelona echt never nooit niet vinden.

 January 26, 2013  Posted by at 13:12 Pieters Proza No Responses »
Jan 252013
 

Title: Weledelgestrenge Heer Jan Willem Pieter Zandvliet :) | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza 21 jaar was ik, alles wat kon mislukken tot een gedegen normaal rendabel man met een gouden toekomst had ik achter de rug, en nog veel meer zou volgen. Maar dat schept wel leuke situaties voor mijn trouwe lezers, alle drie.
Ik had net een wilde en korte romance achter de rug, hij was echter niet uit mijn hoofd, maar ik besloot te solliciteren op een baan, als post jongen op de postkamer van een Rotterdams advocatenkantoor. Een dag eerder had ik op dezelfde enerverende baan gesolliciteerd in de Van Nelle Fabriek, en ik had het onlangs mijn warrige voorkomen net niet gered, zo vertelde een vriendelijke man mij per telefoon.

Stront zenuwachtig ging ik met tramlijn 6 naar het Centrum van Rotterdam, waar het advocaten kantoor zich bevond. Op een stoeltje moest ik wachten tot mijn naam werd omgeroepen, ik heb tachtig keer in tien minuten gedacht weer wegtelopen, net toen ik besloot aan mijn gedachte gehoor te geven werd mijn naam omgeroepen, en leek het alsof ik al dol enthousiast was om naar de sollicitatie te rennen. Een sacherijnig kijkende bril dragend mollig figuurtje gunde mij geen blikwaardbig, toen ik hem groette. Mijn haat was geboren, en alle ziektes die je kon krijgen zou ik gelijk aan Sinterklaas zo aan de man toebedelen, en dan zonder eten naar bed.
Hij gemaande mij met een hand gebaar voor hem te gaan zitten. Daar stopt het, ik weet niet waar ik het verder met de kerel over gehad heb, of met mij. Tot hij zei dat ik was aangenomen, en dat hij mijn baas was. Laat ik hem Lex Goudsmit noemen, om da ik liever geen echtte namen van de personen in dit stukje wil noemen. Al was de kerel op leeftijd, en dan nog met al die ziektes zonder pepernoten, nee die zal mij niet meer aanklagen, en hij zal vast niet één van mijn drie lezers zijn. Mocht da wel zo zijn, krijg dan alsnog de pest.

De maandag op deze vrijdag stapte ik weer op tramlijn zes richting mijn baan. In de tram voelde ik de knoopjes van mijn jas op mijn borst en buik, ter inspectie keek ik even hoe dit kon, nou ik was vergeten een trui, shirt of blouse aan te doen. Ik kon niet meer terug, want dan zou ik de eerste dag al te laat om mijn werk komen. Ik kocht vlot een wit shirt bij de Hema, Obstakel opgelost.

Op de afdeling van mijn werk waar de postkamer zich bevond werd ik voorgesteld door Lex Goudsmit aan al mijn vriendelijke collegae, op e´en vriendelijke na, degene die mij in moest werken, Albert mol. Deze verwijfde kerel was erg populair bij alle secretaresses, hij viel ze nooit lastig denk ik. Het duurde een week voor alles wat ik moest doen een beetje liep, toen kwam er een afscheidsfeestje van Albert Mol, ik werd dronken, geen goede zet. Ik vergeet het veelal als ik dronken ben geweest, dus werd ik door Lex Goudsmit tot de orde geroepen, ik weet niet wat ik gedaan had, maar het leek hem beter als ik op personeels- feestjes geen drank meer dronk. Even later zat ik achter mijn bureau, de faxen liepen binnen uit heel de Wereld, terwijl ik eens bekeek wat er in de kast stond, kantoormaterialen en sigaren die de advocaten soms kwamen kopen, de secretaresses kochten de kantoormaterialen, en het geld ging naar Lex Goudsmit, maar ik bracht natuurlijk de nodige zelf verzonnen procentjes in rekening. Ik ging de post en faxen rond brengen, bij iedere secretaresse werd ik steeds verliefder, een buik vol vlinders, wat een baan. Na twee weken kreeg ik een collega op de postkamer, met de naam Kuttschreuter, ja die naam is dan weer wel echt. Steeds als hij zijn naam noemde schoot ik in de lach. Dit deed een vriendschap geen goede, hij werd dan ook al snel ziek, en kon ik weer alles alleen doen. Met pijn in mijn hoofd omdat ik die ochtend tegen een pilaar was aan gelopen toen ik mijn collega’s vrolijk groette, besloot ik het archief in de kelder een beetje op orde te gaan brengen. Twee uur later wekte een secretaresse mij daar, ik lag in een archief kast siësta te houden. Gelukkig was de vrouw mij goed gezind, en zou niks verklappen. Ze liep weg, ik bekeek haar eens goed, en dacht eraan haar ten huwelijk te vragen….

Op een kwade dag was ik een fax vergeten te brengen bij advocaat Leen Jongewaard. Ik zag dat ik drie uur te laat was en de fax Urgent was. Ik maakte er een mooie prop van en wierp die sierlijk in de prullenbak. Toen kwam de Secretaresse van Leen Jongewaard binnen, ze vroeg naar de fax, ik zei dat die niet binnen was. Ze geloofde mij niet en begon in de fax apparaten te kijken, maar vond niks. Toen liep ze pissig weg. De dame was nog niet weg, toen die weer open werd gedaan door een woedende Leen Jongewaard, die mij de huid vol schold, ik bleef ontkennen, terwijl Leen voor de prullenbak stond waarop de prop fax waar urgent duidelijk op te zien was stond te schelden.
Na een kwartier hopen op zijn hartaanval, ging hij weg. Toen ik dacht dat ik ervan afwas kwam Lex Goudsmit ook nog even vloeken. Toen die weg was, pakte ik een sigaar, die ik op een bankje aan het stadhuisplein genietend oprookte. Daar besloot ik geen striptekenaar te worden maar advocaat of notaris. Op het gerechtsgebouw aan de Noordsingel had ik eerder die week al stiekem pruiken van de rechters staan passen in hun kleedkamer, waar ik post moest brengen, en die stonden mij goed, zo vond ik. Mijn moeder was blij verheugd met mijn nieuws, van mijn vader kreeg ik een oud pak die ik drie weken aanhield. Als ik in het veel te grote pak de post rond bracht hoorde ik de secretaresses achter mij giechelen, maar dat boeide mij niet, ooit zouden die mij gehoorzamen.
Toch bleef ik het tekenen trouw, ik maakte namelijk onder werktijd karikaturen van de secretaresses. Lex Goudsmit schrok zich een ongeluk toen ze zagen dat ik de tekeningen in mijn kantoor had opgehangen, met mijn naam overal groot op. Ik moest ze weghalen van de lamzak zonder leven.
Ik besloot de winst van de sigaren niet meer met hem te delen, en rookte inmiddels al meer sigaren als alle advocaten tezamen. Na zes weken ontsloeg ik mezelf, het was genoeg geweest….

 January 25, 2013  Posted by at 16:38 Pieters Proza 2 Responses »
Jan 242013
 

Title: Ballen op de Wallen | Artist: Pieter Zandvliet | Category: Pieters Proza Vrolijk, uitermate uitgelaten en mij voelend als gangster zat ik tegenover mijn vriend Ricardo.Terwijl de Golf oorlog net was uitgebroken en men nog niet wist of de Amerikaanse soldaten in hun eigen bloed zouden verdrinken, zo als Sadam Hoessein had gezegd, zaten wij quasi gevaarlijk ons geld te tellen, we hadden voor het eerst in ons achttien jarige leven ingebroken.Twee en twintig honderd gulden was de buit, die zouden we flink gaan aanbreken in Amsterdam. Jawel we zouden naar de Wallen gaan, nu  eens niet om langs de ramen te lopen, en te fantaseren wat men in zo’n pees kamertje allemaal wel kon doen.Neuken dat was duidelijk, maar gelijk ook erg vaag.Er hing immers altijd een spanning rond het seks hebben met een hoer, en die gingen wij maar even mooi doorbreken.

Koortsig liepen we even later over de Wallen.Het gangster gevoel had plaats gemaakt voor een vreemd soort huppelkut gegiechel.Wat waren wij zenuwachtig, niet normaal meer.Een hele dikke negerin deed haar deur open, en wenkte naar ons.Gatver zei Ricardo, voordat ik hem een duwtje naar de vleesmassa in de rug gaf.Hij werd aan zijn arm naar binnen getrokken, angstig naar mij omkijkend.Ik zwaaide met een vette grijns op mijn gezicht, en liep door opzoek naar mijn betaalde liefde.Een mooie Aziatische dame zat poedelnaakt mooi te wezen op een krukje.Ze lachte naar mij, achteraf denk ik dat ze mij eigenlijk uit lachte.Ik deed haar deurtje open, heel zelf verzekerd, tot ik daar dus binnen stond, ze bleek niet de enige horizontaal werkster te zijn.Er kwam een hele lelijke donkere dame op mij af, een mix van Samuel Jackson en Micheal Jackson, ik wees dom naar de Aziatische vrouw en wist niet wat ik moest zeggen.Al mijn zelf zekerheid van zo even lag blijkbaar nog buiten.Moest ik nu zeggen ik wil neuken met haar, die daar op dat krukje, en niet met jou griezel.Nee dat had niet aardig geweest, misschien wel dodelijk zelfs.Dus ik liet mij maar begeleiden door de donkere dame, die bij een fonteintje mijn trots waste.Nou trots, hij was inmiddels niet veel groter als een Hollandse garnaal.Ik wilde maar één ding, heel erg graag weer weg.Buiten mijn zekerheid was nu ook mijn geilheid verdwenen.DE donkere dame had een enorm grote mond, en het leek alsof ze heel veel tanden had.En waar haar borsten hoorde te zitten, waren ze in ieder geval niet.Naakt ging ik op een smoezelig bed liggen.In het Engels vroeg de dame waar ik vandaan kwam, ik zei Holland zonder enige vorm van trots.Zei kwam van Jamaica,”Bob Marley”, zei ik bij gebrek aan beter.Ze moest lachen en kwam naast mij liggen.Ze pakte mijn zielig hoopje plas vlees, en probeerde hem neuk klaar te maken.Ik keek rond, ik was beland in een honk waar zoveel mannen voormij deze dame geneukt hadden, bedacht ik mij opeens.Een gedachte die mijn penis niet harder deed worden.Opeens rook ik een enorme strontlucht, ik moest bijna kotsen terwijl Miss Jamaica allerlei geilen dingen tot vervelends toe in mijn oor bralde.De strontlucht bleek van haar af te komen, nee niet uit de plaats waar die normaal gezien uit zou moeten komen, nee uit haar enome mond kwam die mij misselijk makende lucht.Ik draaide mijn hoofd van haar weg.Ik begon mezelf maar af te rukken, en dat hielp, eindelijk ging ze weg om op mijn in condoom verpakte half slappe piemel plaats te nemen.Meteen begon ze overdreven te kreunen, ik was beland in de zieligste pornofilm ooit.En door haar gekreun werd de stront lucht niet te harden, en mijn pik floepte onwelwillend uit haar roze werkplaats.Ze moest lachen, de trut.Voor vijftig gulden meer zou ze mij wel even pijpen, zo gezegd zo gedaan.Haar enorme mond nam mijn Kleinduimpje te grazen, het zag er angst aanwekkend uit.K durfde er net als bij een dokters ingreep niet naar te kijken.Na een tijdje duwde ik haar weg, en ze kwam weer naast me hijgen.Daar lag ik dan naast Miss poepbek mezelf klaar te maken, de zieligste vorm van aftrekken was een feit.Met mijn andere hand greep ik naar een grote donkere tepel die eigenlijk op een borst hoorde te zitten, ze sloeg op mijn hand alsof ik een koekje wilde pikken.Hoe ik het deed weet ik niet maar ik perste er wat sperma uit.Ik waste mijn geslacht in deze vernedering en nam vlug de benen.Buiten stond Ricardo op mij te wachten.En hoe was het vroeg hij nieuwsgierig, goed hoor, loog ik.En hoe was jou dikkerdje vroeg ik ook maar.Heerlijk zei hij, ze zag er niet uit, maar ze deed het ongelofelijk goed, ik kwam alleen erg snel klaar klaagde hij.Ik baalde verschrikkelijk van mijn ervaring in de betaalde liefde.We brachten de nacht door in Hotel Admiraal, in een twee persoonsbed, Ricardo rolde continu snurkend door het ingedeukte matras tegen mij aan.Ik stapte uit bed en ging net als de hoertjes voor het raam zitten.De gracht deed mij alleen nog maar meer aan mijn seksuele afgang denken.Uiteindelijk viel ik in slaap, op de grond naast het bed.Bij het wakker worden wilde ik meteen weer naar de Wallen, ik zou mijn slechte ervaring gaan weg neuken.Tegen de verbaasde Ricardo zei ik dat ik weer zin had.Hij niet, zei hij, wat ik zogenaamd verdacht vond.Hoezo niet, plaagde ik meer mijn geweten als Ricardo, was het niet lekker dan.

Wat later wandelde wij weer over de Wallen, nu nam ik de tij voor een goede keuze.Pas toen het donker werd liep ik naar een raam waar een mooie vrouw weer naar mij lachte.Ik zwaaide naar Ricardo, en deed de deur open.Zwoel kwam de toch wel erg kleine dame op mij aflopen.HI zei ze in het Engels.En even later lag ik met de langharige dwerg in bed, ze vertelde dat ze half Spaans, half Indiaas.Toen ze op mij plaats nam, zei ik iets in het Spaans, waarop een Spaans gesprek tijdens het neuken volgde.Het was lekker, maar heel erg namaak allemaal.Wat de erotische sfeer ook niet ten goed kwam was de radio die aanstond.Toen ik bijna klaar kwam begon ze hysterisch te gillen, nee niet van mijn acties, maar van de aanval op Bagdad die door de nieuwslezer op de radio bekend werd gemaakt.Terwijl het lucht alarm de pees kamer door loeide, vroeg ik of het wel ging met haar.Ze was inmiddels van mij afgestapt en zat naast mij te huilen.IK aaide over haar rug, om zo een soort troost te bieden.Het was mij allemaal veel te bizar, ik zei dat ik niet zo nodig hoefde te neuken.Ze vertelde dat ze het zo erg voor mij vond terwijl Bagdad in brand stond.Ik kwam er vast wel overheen.Toen ik weg wilde lopen riep de mooie dwerg mij terug,”hier een appel voor lieve jongen”, zei ze in het Nederlands.Tot de appel weg rotte heeft hij op mijn nacht kastje gestaan.Tot zover de eerste en laatste ervaringen van een loser op de Wallen.

 January 24, 2013  Posted by at 18:44 Pieters Proza No Responses »